What’s in a word? (45)

Particulier wapenbezit. Abortus. Doodstraf. Woorden die we bijna automatisch linken aan de Verenigde Staten van Amerika. Je gaat je afvragen waarom “ze (lees: de Amerikanen) daar toch niet iets aan doen”? Dat is voor een deel te wijten (en sommigen zullen zeggen: te danken) aan het steeds belangrijker wordende originalisme (originalism) en textualisme (textualism) en het daaraan gekoppelde belang van en geloof in “taal” dat meer en meer opgang vindt in het Amerikaanse Hogerechtshof (Supreme Court).

Even een kort geschiedenislesje: tot ongeveer 1980 was het grootste gedeelte van het Supreme Court onder invloed van de zgn. Living Constitution-theorie. Die theorie zette
opperrechters aan om de Grondwet niet op taal en geschreven woord te interpreteren, maar veeleer op steeds veranderende maatschappelijke normen. Met andere woorden, rechters moesten zich niet concentreren op wat de Grondwet zégt, maar op wat die zou moéten zeggen als die vandaag zou zijn geschreven.

Dat standpunt begon te schuiven toen in 1982 de  Federalist Society for Law and Public Policy Studies (kortweg: Federalist Society) werd opgericht. In 1985 beschreef Ed Meese (minister van Jusitie onder Ronald Reagan) in een speech de Living Constitution-theorie als zijnde a chameleon jurisprudence, changing color and form in each era. Hij riep op om de Grondwet te interpreteren based on its original language. Originalism kreeg vaste grond onder de voet.

Een directe uitvloeisel daarvan is textualisme: een formalistische theorie waarin de interpretatie van de wet primair is gebaseerd op de gewone betekenis van de wettekst, waarbij geen rekening wordt gehouden met niet-tekstuele bronnen zoals de intenties van de wet toen die werd aangenomen, het probleem dat moest worden opgelost of andere
belangrijke zaken zoals rechtschapenheid of gerechtigheid van de wet. Textualisme is het perspectief van wettelijke interpretatie waarin de rechtbanken de woorden van die
wettelijke tekst zouden moeten lezen zoals elk gewoon lid van het congres ze zou hebben gelezen.

Op dit moment zijn zeker vijf van de negen Amerikaanse opperrechters overtuigde en (al dan niet zelf-)verklaarde tekstualisten/originanisten. Drie daarvan zijn door president Trump benoemd (Gorsuch, Kavanaugh en Barrett). Dit heeft grote gevolgen voor zaken als particulier wapenbezit en het recht op abortus. Woorden doen er écht toe volgens de
tekstualisten. Niet voor niets schrijft opperrechter Samuel Alito (benoemd door George W. Bush) in het uitgelekte memorandum inzake wel of geen recht op abortus: The Constitution makes no reference to abortion, and no such right is implicitly protected by any
constitutional provision
. En over de precieze tekst van het 14e Amendement over particulier wapenbezit heb ik hier al eens eerder geschreven.

Alles verloren en terug naar de Donkere Middeleeuwen dan maar? Dat valt nogal mee… In de eerste plaats schrijft Jill Lepore, als spreekspersoon van de American Constitution Society (de tegenhanger van de Federalist Society) in een artikel in The New Yorker over Alito’s zgn. “references in the Constitution”:  As it happens, there is also nothing at all in that document, which sets out fundamental law about pregnancy, uteruses, vaginas, fetuses,
placentas, menstrual blood, breasts, or breast milk.

In de tweede plaats zijn die tekstualisten er ook onderling nog niet helemaal over uit hoe zwaar er moet worden ingezet op het mantra “de tekst, de tekst en niets anders dan de tekst”. Is interpunctie bijv. een onderdeel van de tekst? Eeuwenlang hebben juristen zelfs punten, komma’s, enz. met opzet vermeden. Eén van de redenen waarom zinnen in
juridische teksten ook nu nog zo lang en onoverzichtelijk kunnen zijn. En laat het (al dan niet) gebruik van een aantal komma’s nu juist een belangrijk struikelblok zijn in Amerikaanse wapenwetten.

Of een ander voorbeeld: in het beroemde vonnis Smith v. United States (1993) werd de heer Smith extra zwaar veroordeeld omdat hij tijdens een drugsdeal een wapen gebruikte. Dit geheel en al in lijn met de zinsnede in die wet dat het zwaarder strafbaar is als during and in relation to a drug trafficking crime, the defendant uses a firearm. (mijn onderstreping). Alleen… in deze zaak had verdachte Smith aangeboden om een ​​ongeladen wapen te ruilen voor cocaïne. De meerderheid van het Supreme Court vond dat onder uses vallen. Opperrechter Scalia  (één van de grote roergangers van het tekstualisme) vond echter:  The phrase ‘uses a gun’  fairly connotes use of a gun for what guns are normally used fo, that is, as a weapon. Kortom, er zit nogal wat rek in dat tekstualisme…

En tenslotte: dit is de tijd van het jaar waarin het Supreme Court belangrijke beslissingen neemt (en die over abortus komt binnenkort waarschijnlijk ook). In de drie laatste beslissingen afgelopen maand Denezpi v. United States, Patel v. Garland en Babcock v. Kijakazi was er telkens onenigheid binnen het kamp van de vijf tekstualisten/origanisten over juist die “echte” betekenis van woorden. In Babcock werd zelfs hetzelfde woordenboek (te weten de Webster’s Third New International Dictionary) gebruikt om tot een tegengesteld oordeel te komen. (Overigens blijft het mij verbazen waarom je een woordenboek uit 2002 zou moeten kunnen gebruiken om een wet van tientallen jaren daarvoor te kunnen duiden, maar dit terzijde).

Zo op het eerste gezicht lijken “woorden” dus erg belangrijk binnen de Amerikaanse
wetgeving, maar als het puntje bij het paaltje komt, dan gaat het toch écht om wat je
ermee wilt doen. Eens zien wat dat bij het abortusvraagstuk oplevert…

What’s in a language? (55)

Iedereen die weleens een juridische stuk schrijft in het Engels, doet het soms: een Engels woord tussen haakjes laten volgen door een cursieve Nederlandse vertaling . Een paar voorbeelden uit pre-Course Tasks die we de afgelopen maanden ontvingen:

“I advise you to request the Energy Label (energie-label) of the leased premises, so that we […]”, “[…] both entities do not apply the innovation box (innovatiebox) as meant in article […]”, “Both entities are not entitled to apply the holding compensation rules (deel-
nemingsverrekening
) as meant in article the articles of association (statuten) and, if in place, the shareholders’ agreement (aandeelhoudersovereenkomst)”, “[…] resolutions are passed within the general meeting by a simple majority of votes (gewone meerderheid van stemmen)”, “This could be a qualified majority (gekwalificeerde meerderheid) or an
increased majority (versterkte meerderheid)”.

Anglo-Amerikaanse tegenvoorbeelden kan ik nergens vinden. Daarmee bedoel ik
juridische teksten uit Engeland/Amerika die een Nederlands (of Duits, of Portugees etc.) fenomeen, of een typisch Nederlands (of Duits, of Portugees etc.) juridisch concept, cursief en tussen haakjes in de tekst plaatsen. De enige niet-Engelse woorden die je in een Anglo-Amerikaanse juridische tekst zou kunnen vinden zijn Latijnse wettige stelregels (zie
hieronder voor een heel toepasselijke) en heel af en toe een Frans woord. De standaard is om deze woorden gewoon te gebruiken als die ook al in het “gewone” Engels zijn
ingeburgerd: ad hoc, ad nauseam, bona fide, alias, alibi, etcetera. Die woorden werden een aantal jaren geleden nog wel eens cursief geschreven, maar de laatste jaren ook al niet meer.

Gebruik van andere Franse juridische begrippen (zoals seisin, voir dire, cestui que trust en zo nog een heel rijtje meer, zie bijv. het artikel  American Legal Language and the Influence of the French in de Michigan Bar Journal, wordt ten stelligste afgeraden.

Waarom doen Nederlanders dat dan nog steeds zo vaak? En voor wie eigenlijk? Nog even afgezien van hoeveel extra extra informatie voor zowel Nederlandse als Engelse lezers zit in de vertaling van Energy Label naar ‘energie-label’ en innovation box naar ‘innovatiebox’, het leest gewoon erg lastig. En al helemaal als je binnen één zin drie keer hetzelfde kunstje uithaalt, zoals in het derde voorbeeld dat ik hierboven gaf.

Daarnaast loop je het gevaar om niet een juiste Nederlandse omschrijving/vertaling te geven. De boven gegeven voorbeelden zijn allemaal min of meer juist, en heel goed ook, die “articles of association (statuten)”, iets wat maar al te vaak als statutes wordt vertaald, een beruchte juridische False Friend. Maar vorige week op deze plaats  kwamen we al op het niet-bestaande Engelse woord detentor voor “houder”. Een ander voorbeeld dat wij regelmatig zien, is het, opnieuw cursief en tussenhaakjesgeplaatste (ondernemingsraad) als er in een door Nederlandse juristen geschreven Engelstalige tekst sprake is van “works council”. Een “works council” bestaat helemaal niet (meer) in Engeland. Daar spreek je over “work place participation

Je zou nog kunnen beredeneren dat die Nederlandse cursieftussenhaakjes-woorden er zijn voor de juridische helderheid en volledigheid. Een beetje het better safe than sorry-gevoel. Maar dan vergeet je dat alles wat je schrijft onder de Nederlandse wetgeving valt en dat, áls je onverhoopt een fout maakt, een Nederlandse rechter dat heus wel begrijpt. Of anders wordt dat er wel uitgehaviltext… En, á propos Haviltex: ik denk zelfs dat die hele tussenhaakjescursiviteit juist dóór het Haviltex arrest in gang is gezet.

En eigenlijk begrijpen ook Anglo-Amerikaanse rechters dat nog wel… Een van de Latijnse wettige stelregels (of ook wel: maxim) is: Falsa demontratio bon nocet cum de corpore
constat
, hetgeen zoveel wil zeggen als “een valse beschrijving doet geen afbreuk aan een document als er voldoende zekerheid is over de beoogde zaak”.

Al met al zouden we hier dus willen zeggen: stop met het verstrekken van Nederlandse
vertalingen in Engelstalige juridische teksten. Redenen: 1) voor wie doet u dat?; 2) welke woorden ga je wél en welke woorden ga je niet vertalen?; 3) u loopt het risico van een
verkeerde vertaling; 4) uw teksten worden veel lastiger leesbaar; 5) wel of niet een
vertaling: het heeft geen enkele juridische consequentie en 6) zover ik het kan zien, zijn wij het enige land dat dat doet.

Een typische gevalletje van “wie goed doet, doet goed volgen”. Maar of dat nu wel zo goed ís, is de vraag.

What’s in language? (54)

Er wordt wat afgeklaagd over dat Engels dat, volgens velen, op het punt staat het Nederlands te verdringen. Als we alle slechtnieuwsberichten moeten geloven, wordt er helemaal geen Nederlands meer gesproken op Nederlandse universiteiten, begrijpt
niemand meer iets van Nederlandse reclames (alsof dát overigens een gemis zou zijn), kan je geen koffie meer bestellen op Amsterdamse terrassen (gelukkig maar dat het woord
coffee daar niet al te veel van afwijkt) en holt de kennis van de Nederlandse taal bij
basisschoolscholieren achteruit. Nog even, en we gaan ook aan de verkeerde kant van de weg rijden…

Het wordt er allemaal niet beter op als “we”, Nederlanders, ook nog eens zélf allerlei
nep-Engelse woorden gaan verzinnen. Als we zeggen met een ‘touringcar’ naar de
‘camping’ te gaan, zou een Engelssprekende ons met verbijstering aankijken (aha! In a coach to the campground… ). En als die ‘touringcar’ in een ongeluk onverhoopt ‘total loss’ (= write-off) raakt, dan maar hopen dat die ‘all-risk’ verzekerd is (= comprehensive insured). En zo verengelsen we van alles en nog wat. En dat doen we helemaal zelf. ‘Non-food’? Bestaat niet in het Engels. Cola-light (of eigenlijk alles met ‘light’)?  Idem dito, het is een diet cola. ‘Reality soap’, nog iets wat Nederlanders hebben verzonnen (= docu-soap of reality serie). ‘Hometrainer’, ‘ladyshave’ (bedacht door de marketingafdeling van Philips), ‘mainport’, ‘lat-relatie’, ‘funshopping’. Allemaal nep-Engels dat door Nederlanders is verzonnen.

En dan heb ik het dus niét over de zgn. false friends ofwel woorden of zegswijzen die in twee talen hetzelfde lijken of klinken maar iets totaal anders betekenen. Over false friends heb ik o.a. hier en hier al eerder geschreven (bijv. hier en hier).  Bekende voorbeelden van Engels-Nederlandse false friends zijn: brutal, eventual, brave, actual, fiscal enz. Dit zijn
woorden die in het Engels al bestaan.

Bekende juridische voorbeelden van false friends? Warranties, statutes, representation en misrepresentation, consideration, verdict, receiver enz. Let op: er staat niet wat er staat! (of wat u dénkt dat er staat…). Juridische false friends zijn bijna allemaal uit te leggen door de verschillen tussen Civil Law en Common Law rechtssystemen. Overigens horen we vaak Nederlandse juristen zeggen dat zij gespecialiseerd zijn in Civil Law (waarbij ze dan
burgerlijk recht of privaat recht bedoelen). Op zich een uitstekend voorbeeld van een false friends; zeg liever Private Law.

Ook Nederlandse juristen verzinnen juridische Engelse woorden en begrippen, de
‘ladyshaves’ van de juridische wereld, zeg maar. We hebben het hier al eens gehad over het nep-Engelse  to forfeit a penalty (in de tussentijd overigens door en in het Juridisch-Economisch Lexicon gecorrigeerd) maar je ziet het nog steeds hier en daar. Een ander voorbeeld dat wij onlangs tegenkwamen is het woord detentor, als in …as a consequence of which the respective third party is a detentor (houder) for the Purchaser. Hier wordt gedaan alsof ‘detentor’ een (juridisch) Engels begrip is, maar je moet wel heel erg diep en ver zoeken om dat woord in de Engelse taalgeschiedenis tegen te komen, en al helemaal niet in die betekenis. Gebruik liever gewoon: holder, dan hoef je er ook geen Nederlandse
vertaling tussen haakjes achter te zetten.

Behalve dat (denk ik) de dementors in de Harry Potter-reeks een rol hebben gespeeld in het gebruik van detentor, is het ook een mooi staaltje van wat ook wel eens the Persistence of Poor Translation Phenomenon is genoemd: hoe meer een (al dan niet foutieve) Engelse vertaling is gebruikt, des te groter is de kans dat die gebruikt blijft worden. Websites zoals bijv. het door juristen veel gebruikte Linguee (of het daaraan gelieerde DeepL) spelen hier een grote rol in. In tegenstelling tot wat Linguee zelf zegt, is het geen woordenboek of
vertaalsite, het geeft slechts woorden in hun context; m.a.w. hoe komt een woord in de
werkelijkheid voor in combinatie met andere woorden. Daartoe wordt het hele Internet afgestruind.

Wat dan weer wél uitermate vriendelijk is van Linguee, is dat ze ook de bronnen vermelden waar ze deze woorden hebben gevonden. En als je die bronnen goed bekijkt, zijn dit vaak voor een groot deel Engelstalige versies van Nederlandse websites. Dat betekent dus dat als een Nederlands bedrijf op de Engelse versie van hun website een fout gemaakt heeft, dit zonder meer door Linguee wordt overgenomen. Waar dan weer veel lezers vertrouwen in hebben (“het staat immers op Linguee?”), juist dié vertaling weer gaan gebruiken, enz. enz. enz…. Als je wel eens Linguee gebuikt, check dan ook even de bronnen! (We hebben dit al eerder vastgesteld bij de Engelse ‘vertaling’ van “een verzekering afsluiten” dat als ‘to conclude an insurance’ op Linguee verschijnt (lees hier). Van het woord ‘detentor overigens geen enkel spoor op Linguee, noch in Engels, noch in het Nederlands.

Is het verder een goed idee om in een Engelstalig stuk bij sommige woorden tussen
haakjes een Nederlandse vertaling te geven, zoals in bovenstaand voorbeeld? Daarover een volgende keer.

Courtesy (16)

Genderneutraal schrijven is niet alleen in Nederland een heet hangijzer, ook (en wellicht misschien wel: vooral) in de Angelsaksische wereld houdt het de gemoederen bezig. Twee jaar geleden schreef ik hier al eens over (hier terug te lezen) en ik schreef toen dat ook de clientèle van grote advocatenkantoren steeds meer interesse kregen voor genderneutraal, of genderinclusief taalgebruik. Onlangs kreeg ik nog onder ogen: het Engelse gender-silent; in bijv. Gender-Silent Legislative Drafting in a Non-Binary World in de Captital University Law Review. 

Op het eerste oog lijkt het Engels (Legal English of niet) het ietsje makkelijker te hebben omdat naar alle zelfstandig naamwoorden simpelweg met it valt terug te verwijzen. Dus: The company will sell half of its assets en niet: The company will sell half of his assets zoals we nog steeds vaak zien in door Nederlandse juristen geschreven Engelstalige teksten; een veel te directe vertaling van:  “Het bedrijf zal de helft van zijn bezittingen verkopen”.

Dáár komen de Engelstaligen dan weer mooi vanaf. Maar er blijven natuurlijk talloze
andere struikelblokken. Een ingreep (of, zo u wil: noodgreep) om genderspecifiek
taalgebruik te omzeilen die je de laatste tijd vaak ziet, is om  het meervoud they (en het daarvan afgeleide their en them) te gebruiken als een enkelvoud. Je krijgt dan voorbeelden als: A person commits an offence if they sell a weapon to… of: The Court recognises that a sollicitor might be involved in a business which is distinct from their practice of ook:  If a staff member cannot personally settle their grievance they may refer to their supervisor.

In het artikel Evolving They breken Charles en Myers in het Scribes Journal of Legal Writing 81 (hier gratis te downloaden) hier een overtuigende lans voor. Maar ze waarschuwen ook voor op de loer liggende ambiguïteit. Wat doe je bijvoorbeeld met de contractuele zin: When the vendor notifies the purchase of the amount of the rates, they must pay them
immediately?
Verwijst they naar de koper of naar de verkoper? En verwijst them naar de koper, de verkoper of naar de tarieven?

Waar je verder ook nog voor moet uitkijken is dat de congruentie tussen persoon en werkwoord wél intact moet blijven. In het bovenstaande voorbeeld, met must, kom je daar nog goed mee weg, maar normaalgesproken krijgt het Engelse enkelvoud een -s op het eind (he works) en het meervoud niet (they work). En reken maar dat (met name Amerikaanse) rechtbanken daar goed op letten! Twee voorbeelden:

In United States v. Midwest Suspension & Brake uit 1993 stond de Amerikaanse overheid tegenover het asbestverwerkende bedrijf Midwest Suspension & Brake. Volgens de rechtbank verspreidde Midwest te veel asbest bij zijn werkzaamheden. Midwest dacht slim te zijn en zei dat het vrijgekomen asbest niet met het oog waarneembaar was en hun manier van asbestverwerking dus niet in strijd met de wet was. Onder die wet wordt zichtbare
uitstoot gedefinieerd als: Visible emissions means emissions containing particulate asbestos material that are visually detectable without the aid of instruments. Midwest vond dat de zinssnede that are visually detectable without the aid of instruments terugsloeg op asbestos material. De rechtbank beweerde dat er het werkwoord in het meervoud (=are) niet voor niets in het meervoud stond en dus wel moést verwijzen naar emissions (met -s, en dus ook meervoud). Resultaat: US$50.000 boete voor Midwest.

In State v. Sample stond een gevangenbewaarder, de heer Sample, terecht omdat hij cocaïne kocht van een vriendin van een gevangene. Alleen… het was geen vriendin, maar een undercoveroperatie werkende politieagente. Slate werd beschuldigd van conspiracy to possess a controlled substance. De verdediging van Slate was echter van mening dat een conspiracy nooit in je eentje opgezet kon worden, maar dat je daar minstens twee mensen voor nodig had. De wettekst werd erbij gehaald. Die vermeldde dat whoever, with intent that a crime be committed, agrees or combines with another for the purpose of committing that crime may be fined or imprisoned. Met andere woorden: agreeS or combineS… Enkelvoud, dus. En de heer Sample terug naar de gevangenis, maar nu aan de andere kant van de tralies.

Lang verhaal kort: wees alsjeblieft zo genderneutraal, genderinclusief of zelfs gender-silent mogelijk. Maar houd je aan de regels van de grammatica. Dié winnen. Tenminste, nóg wel…

Plain English (29)

We hebben het er op deze plaats al vaak over gehad: het overmatige gebruik van het Engelse hulpwerkwoord shall in met name juridische teksten. “Waar dan?” zal u zich
misschien afvragen; een lijstje met links naar eerder geschreven blogs over shall vindt u hieronder.

In “normaal” Engels, dwz. in non-Legal English, wordt shall alleen nog maar gebruikt als een (let op:) ouderwetse manier om in de eerste persoon een toekomende tijd uit te drukken (I shall go to New York for Christmas). Als shall een verplichting uitdrukt, is het
bijna overal wel vervangen door must. Maar van cursisten horen we vaak dat shall in
juridische stukken zo “plechtig” en zo “authentiek”, klinkt, met een air van juridische
precisie en formaliteit die niet is te vervangen door een ander hulpwerkwoord. Afgezien van het feit dat dat juist is wat je niét zou moeten willen, is shall tegelijkertijd erg verwarrend.

Neem bijv. dit zinnetje uit de statuten van een groot bedrijf: The CFO of the company shall be one of the directors of the company. Deze zin heeft drie betekenissen: 1) The CFO must be selected from the directors, 2) The CFO need not be a director, but becomes one on appointment, of 3) The CFO must be a director when appointed, and must reamin one (m.a.w. a CFO who ceases to be a director, ceases to be the CFO). Verwarring alom, dus.

“Maar wat kunnen we dan wél gebruiken in plaats van shall?”, horen we dan meestal. Lastig, want het gaat hier niet om de vraag of iets ‘goed’ of ‘fout’ is, het gaat vooral om de vraag wat je precies bedoelt of uit wil drukken. Een mogelijk antwoord zou kunnen liggen in de oplossing die Kenneth A. Adams biedt in zijn A Manual of Style for Contract Drafting: deel de hulpwerkwoorden op in zgn. Categories of Contract Language (klik hier voor een overzichtje), bepaal wat u wilt zeggen en kies daar consequent hetzelfde hulpwerkwoord bij. Het klinkt misschien wat formalistisch en ‘wiskundig’, maar het werkt wel als je ambiguïteit (zoals in het CFO-voorbeeldzinnetje) wilt voorkomen.

Als je dat doet, krijg je de volgende veranderingen (en gezien het niet een kwestie is van ‘goed’ of ‘fout’, kan je niet direct spreken van ‘verbeteringen’…). De volgende voorbeelden (onder: origineel) zijn allemaal genomen uit pre-Course Tasks, ofwel zelfgeschreven
teksten die cursisten aanleveren voordat zij aan een van onze training deelnemen. Op die manier krijg je:

  • Verplichting: gebruik must

Origineel: All money owing by Client shall be repaid by 1 March 2021.
Verander in: All money owing by Client must be repaid by 1 March 2021.

  • Ergens recht op hebben: gebruik is/are entitled to

Origineel: Seller shall be entitled to….
Verander in: Seller is entitled to….

  • Toestemming: gebruik may

Origineel: Seller shall pay transport costs that it deems reasonable.
Verander in: Seller may pay transport costs that it deems reasonable.

  • Feit, beleid of politiek: gebruik de tegenwoordige tijd

Origineel: The agreement shall commence on the Effective Date.
Verander in: The agreement commences on the Effective Date.

  • Toekomstige eventualiteit: gebruik will

Origineel: All disputes arising in connection with the Agreement shall be submitted
exclusively to the competent court.

Verander in: All disputes arising in connection with the Agreement will be submitted
exclusively to the competent court.

En wilt u ondanks alles shall (wanneer: verplichting) blijven gebruiken? Dan nóg een tip: gebruik het alleen bij personen. Dus: The partner shall sign before … en Signing must take place before…

Gezien shall een van de woorden is waar het vaakst rechtszaken over worden gevoerd, zullen we er ongetwijfeld nog vaak op terug komen, maar hier een aantal blogs waar dat woord al eerder is besproken: Shall: een introductie / Shall: alternatieven / Shall in Hong Kong  / Landall Greenparks en shall / De EU en shall / Shall in de Filipijnen / Shall en de American Football League / Shall en het International Court of Arbitration  / Shall in profvoetbalcontracten 

What’s in a word? (44)

Omnia dicta fortiora si dicta Latina, ofwel: alles klinkt indrukwekkender in het Latijn, schreef ik hier al eerder. Een dergelijke discussie ontsprong zich afgelopen week in een training Drafting better contracts in English over de woorden mutatis mutandis in Engelstalige contracten.

Latijn is natuurlijk erg lang de Taal van de Wet geweest. En al helemaal in de Engelse rechtspraak. Van 1066 tot ongeveer 1300 waren wetten in Engeland uitsluitend in het Latijn. In 1362 (middels the Statute of Pleading) werd dan wel besloten dat de mondelinge goings-on in het Engels mochten, de schriftelijke afhandelingen moesten in het Latijn. Pas in 1731 besloot men door een Act of Parliament dan eindelijk Frans en Latijn in de ban te doen en werd het Engels wat de klok sloeg. Een kleine 700 jaar gebruik van het Latijn en het Frans zet je natuurlijk niet zomaar bij het grof vuil, en al helemaal niet in een common law-systeem waar eerder geschreven wetten en eerder gedane rechterlijke uitspraken zo
belangrijk zijn bij het meewegen van toekomstige uitspraken.

In Nederland was Latijn lang de taal waarin rechtsgeleerden op universiteiten zich
uitdrukten; de rechtsgeleerde Hugo de Groot noemde zich niet voor niets Grotius, maar verder zou de invloed van het Latijn niet overdreven groot moeten zijn. Het “belang” (en nog steeds voortdurende gebruik…) van Latijnse begrippen in Nederlandse stukken (zoals mutatis mutandis) zou wel eens sterk beïnvloed kunnen zijn door continue gebruik ervan in juist de Engelstalige juridische wereld.

Inmiddels is er ook binnen het Legal English een steeds grotere weerstand tegen Latijn. Zo hebben de zgn. Woolf reforms, de hervorming van de regels van civiele procedure in Engeland en Wales (vernoemd naar Lord Woolfs) in 1998 gelijk ook maar korte metten gemaakt met Latijnse woorden als subpoena (is nu: witness summons), ex parte (is nu: without notice) en certiori (is nu: quashing order, (=vernietigingsbevel))

Natuurlijk zijn er nog steeds stemmen vóór het behoud van Latijnse terminologie, met als voornaamste redenen dat het Latijn een zekere retorische kracht heeft, een bepaald aura van precisie uitdrukt dat in het Engels, naar zeggen, niet mogelijk schijnt te zijn, én dat
“advocaten onder elkaar” heel wel zeker weten wat het allemaal betekent (bijv. Peter Goodrich in Critical Enquiry  of John Gray’s Lawyers’ Latin: a Vade Mecum), maar de meeste commentatoren staan toch vooral voor de afschaffing van het Latijn. Lees bijv. het zeer goed leesbare Versus Latinum van het Centre for Plain Legal Language van de University of Sydney (blz. 4-6)  of anders How I Learned To Drop Latin And Love Plain English Language van de Australische opperrechter Michael Kirby

Een aantal uitgangspunten: 1) als het Latijnse woord in “normaal Engels” is geaccepteerd: gebruik het. Voorbeelden hiervan zijn: bonus, et cetera, vice versa, ad hoc e.d. (NB. de Engelse afkortingen i.e., i.a. en e.g. zijn ook Latijnse afkortingen, i.e. voor id est: het Nederlandse “d.w.z.”, i.a. voor inter alia, het Nederlandse “o.a”. en e.g. voor exempli gratia, het Nederlandse “bijv.”) 2) Als het Latijnse woord zonder verlies aan nuance vertaald kan worden in het Engels: doe het. Een handig lijstje vind je hier 3) Als dat niet mogelijk is, laat het dan volgen door een korte uitleg. En 4) als het Latijnse woord al te wollig of pompeus overkomt: gebruik het gewoon niet!

Komen we dan ten slotte bij mutatis mutandis. Letterlijk betekent het natuurlijk “nadat
veranderd is wat veranderd moest worden”. In de praktijk betekent dit dat men een tekst niet helemaal herhaalt, maar aan de lezer/toehoorder zegt: verander het op die punten waar het veranderd moet worden. Zo bevat bijvoorbeeld een beschrijving van een beroep in de mannelijke vorm (directeur) woorden als “hij”, “aan hem”, “zijn”, … Bij de beschrijving in de vrouwelijke vorm (directrice), hoeven dus alleen de mannelijke voornaamwoorden aangepast te worden. Deze uitdrukking wordt vaak gebruikt bij de bewerking van een
juridische tekst of officiële statuten. Aldus kan een reeks wijzigingen met enkele woorden worden aangegeven.

Zó gek is het niet dat je mutatis mutandis vaak aantreft in met name Amerikaanse
contracten; de juridische systemen, namen van instituten, benamingen van gezagdragers enz. enz. verschillen in bijna alle Amerikaanse staten nét een heel klein beetje van elkaar. En als je eenmaal een contract hebt opgesteld in één staat, is het handig om d.m.v. die
mutatis mutandis het contract ook in een andere staat rechtsgeldig te laten zijn (heel grofweg gezegd).

Het enig probleem, echter, is vaak dat het lastig is om vast te stellen wát er veranderd moet worden, en daarna waarin die dan wel veranderd moet worden. Vandaar ook dat een eventuele vertaling vaak lastig is omdat de context steeds veranderd. I.p.v mutatis
mutandis
zie je daarom steeds vaker: with appropriate changes as required by the new
context; with changes to be made so far as relevant to those in […],
of: changed as required (Peter Butt), dan wel: together with any necessary conforming changes (Ken Adams).

Misschien wat langer allemaal dan mutatis mutandis, maar denk aan wat Gustave Flaubert schreef in zijn “Woordenboek van pasklare ideeën” onder het lemma Latijn: “Latijn: alleen nuttig voor het lezen van inscripties van openbare fonteinen”. En verder: “Wantrouw
citaten in het Latijn: er zit altijd iets dubieus in verstopt”.

Correctness (36)

Amerikaanse rechtbanken leunen, zoals ook vorige week hier gezegd, nogal stevig op
woordenboeken en grammatica’s. De Code of Laws of the United States of America (U.S.C.) is een compilatie en codificatie van de federale wetgeving van de VS.  De U.S.C. wordt elke zes jaar heruitgegeven met jaarlijkse supplementen. De editie uit 2018 bestaat volgens de US Government Printing Office uit 2250.000 pagina’s. Hoofdstuk 1.1. van de U.S.C. houdt zich bezig met woorden en met constructies van zinnen, en staat ook wel bekend als The Dictionary Act.

Er wordt vaker gebruik van gemaakt dan u misschien wel zou denken: in de zaak United States v. Jackson uit 2003 probeerde de heer Gary Jackson in een hoger beroep van zijn veroordeling voor seks met minderjarigen af te komen. In april van dat jaar werd een
federale wet aangenomen die iedere Amerikaanse staatsburger straft die travels in foreign commerce, and engages in any illicit sexual conduct with another person. Jackson begon zijn travels in 2001 en werd in juni 2003 door de Cambodjaanse politie gearresteerd wegens seksuele handelingen met minderjarigen en aan de Amerikaanse politie uitgeleverd. En dus veroordeeld.

Jackson ging in november 2001 op reis en zijn advocaten pleitten, met succes, dat hoewel hij zijn seksuele daden verrichtte ná aanname van de Amerikaanse wet in april 2003, zijn veroordeling onwettig was gezien hij al in 2001 op reis ging: Congress (ofwel: de wetgever) has specified generically how we are to apply statutes that use the present tense: The Dictionary Act provides that “in determining the meaning of any Act of Congress, words used in the present tense include the future as well as the present.” (2000). Congress did not say that its usage of the present tense applies to past actions, an omission that, given the
precision of the Dictionary Act in this regard, could not have been an oversight.
En dat laatste omdat er genoeg wetten werden/worden aangenomen waarbij wél rekening wordt gehouden met daden nádat een wet is aangenomen…

Het O.M. deed nog enkele verwoede pogingen om dan maar wat vette vraagtekens te zetten bij die zgn. travels van Jackson; was het, gezien de lengte van die travels niet veel meer een emigratie, een relocatie of iets anders dergelijks? Maar m.b.v. de Merriam-Webster’s Dictionary, de Random House Dictionary of the English Language én Black’s Law Dictionary maakte het Hof ook daar korte metten mee.  Het Hof was van mening dat Jacksons reis vóór de inwerkingtreding van de wet begon. En dat het dus het juist was om zijn aanklacht te verwerpen.

Er wordt door het Congres (de Amerikaanse wetgevende instantie) dus niet alleen hard nagedacht over de vorm van werkwoorden (actief-passief, zoals we vorige week hebben gezien), maar ook over de grammaticale tijd (tense) van het werkwoord. Grammatica heeft een betekenis!

Zo zien wij erg vaak dat de toekomstige tijd in het Engels (will, dus) vaak verkeerd gebruikt wordt door Nederlanders die Engels schrijven. Will wordt alléén gebruikt bij a) een zekere toekomst (bijv. We will see a significant increase next year), b) een belofte (bijv. I will ring you as soon as I arrive), c) een voorspelling (bijv. I think it will be a difficult year of d) een verzoek/vraag (bijv. Will you come this way please?).

Will gebruik je niet als a) een zin(sdeel) begint met woorden als when, while, before, after, by the time, as soon as, if, unless, etc, b) als je het hebt over feiten, beleid of processen en c) als het gaat om een geplande activiteit. In de gevallen a) en b) gebruik je de gewone tegenwoordige tijd, oftewel: geheel in lijn met de woorden van het Congress/Dictionary Act: words used in the present tense include the future as well as the present. In de gevallen c) gebruik je de –ing vorm of  going to. (klik hier voor will vs. going to).

Een paar voorbeelden van wat wij de afgelopen weken tegenkwamen in door Nederlanders geschreven Engelstalige stukken:

  • After the written proceedings, oral proceedings will usually commence. Moet zijn: … oral proceedings usually commence (feiten, beleid of processen)
  • Generally, a pre-emption right will be adopted by the municipal council. Moet zijn: …right is adopted (feiten, beleid of processen)
  • A Dutch court will usually respect such a contractual choice of law. Moet zijn: …court usually respects such…(feiten, beleid of processen)
  • On 3 September, I will start my first job as a corporate lawyer. Moet zijn: On 3 September, I am starting of anders: I’m going to start … (geplande activiteit)

Begrijp me niet verkeerd; goedwillende moedertaalEngelssprekenden zullen heus wel
begrijpen wat u bedoelt, maar slechtwillenden (in bijv. een rechtszaak) zouden het met een grammatica in de hand anders kunnen uitleggen en de zinnen interpreteren zoals u die niet hebt bedoeld.  Grammatica betekent iets!

Meer voorbeelden zoals hierboven? Lees en verbeter ze zelf.

  • In the scenario the Court will annul the judgment, the Court will most likely refer the case back to …
  • The court will appoint an insolvency practitioner who will take over the business operations and administration of the company.
  • The Board of Directors will sign next week.
  • It is common practice that when a bankruptcy is ordered a stay period will be proclaimed

Clarity (44)

“Grammatica betekent iets. Meer in het Engels dan in het Nederlands”. Dát zeggen we keer op keer in deze blog (lees bijv. hier, hier of hier). Het Anglo-Amerikaanse common law-rechtssysteem gaat uit van de tekst (de  spreekwoordelijke ‘Letter van de Wet’, of van het contract of van welk juridisch schrijfsel dan ook).

Dat grammatica ook écht iets betekent, weten (met name) Amerikaanse strafadvocaten ook. Zij maken dan ook vaak en uitbundig gebruik van woordenboeken, stijlgidsen en grammaticaboeken om duidelijk te kunnen maken wat de wetgever (in hun ogen) al dan niet bedoelt.

Grammatica is van groot belang voor Engelstalige advocaten, rechters en contracten-opstellers; het juiste gebruik van grammaticale termen bepaalt soms de uitkomst van een zaak. Neem nu eens werkwoorden. Werkwoorden hebben vijf eigenschappen: 1) persoon (eerste persoon, tweede persoon, of derde persoon), 2) aantal (enkelvoud of meervoud), 3) tijd (voor wat betreft het Engels: present, past, future, present perfect, past perfect en future perfect , 4) vorm (actief of passief) en 5) wijs (indicatief, conjunctief of imperatief).

Verreweg de meeste juridische teksten zijn geschreven in:  de derde persoon (hij/zij), de tegenwoordige tijd en de indicatieve wijs (een beschrijving van de werkelijkheid). En dat is maar goed ook, want anders kunnen rechters wel eens voor moeilijke beslissingen komen te staan.

In United States v. Zavalza-Rodriguez  kwam het verschil tussen de actieve en passieve vorm de aangeklaagde, de heer Zavalza-Rodriquez, goed van pas. Hij werd veroordeeld tot 60 maanden gevangenis wegens het in bezit hebben van een kilo heroïne with intent to
distribute
. Een vrij milde straf omdat hij grif toegaf dat dit ook inderdaad het geval was. Maar gezien óók een aantal wapens in zijn huis werden gevonden, ging het O.M. in beroep en eiste een hogere straf. Jammer genoeg stond in de dagvaarding dat a weapon was
possessed
(in de passieve vorm dus) en niet dat the defendant did possess a firearm (in de actieve vorm). Met andere woorden: 5 jaar naar de gevangenis in plaats van de door het O.M. gevraagde 10 jaar.

Een soortelijk geval speelde in State v. Roberts. Daar diende het hoger beroep van de heer Michael Roberts die een aantal maanden eerder ter dood was veroordeeld wegens het
plegen van moord met voorbedachte rade, ofwel: aggravated premeditated first-degree murder and first-degree felony murder. Twee mannen stonden terecht tijdens het eerste proces: Roberts en zijn kompaan, de heer Timothy Cronin. Het was alleen niet duidelijk wie precies de fatale slagen had toegebracht.

In het initiële proces omschreven de instructies aan de jury keurig wat het O.M. bedoelde met aggravated premeditated first-degree murder maar met de toegevoegde woorden: the murder was committed in the course of, in furtherance of, or in immediate flight from, a
robbery
. In het hoger beroep voerde de verdediging van Roberts aan dat juist de keuze voor die passieve vorm (the murder was committed) in deze jury-instructies, het de jury
onmogelijk maakte om te oordelen over de werkelijke dader. De woorden van het Hof
luidden derhalve: The problem with this instruction is that the “was committed” language is worded entirely in the passive voice, [and] require[d] no finding of any actus reus on behalf of the defendant.  Roberts werd wél veroordeeld voor medeplichtigheid, maar daar staat nou eenmaal geen doodstraf op.

Hoewel het gebruik van de passieve vorm niet grammaticaal incorrect is, waarschuwen veel stijlboeken dat het vaak beter is om het gebruik ervan zo veel mogelijk te beperken
omdat 1) het zwakker is dan de actieve vorm en 2) het algemeen moeilijker te begrijpen en te onthouden is. Stilisten keuren de passieve vorm eigenlijk alleen maar goed als 1) de
handelende persoon onbekend of onbelangrijk is (bijv. My wallet is stolen) of 2)  de nadruk ligt op de ontvanger van de actie in plaats van op de handelende persoon (bijv.
President Kennedy was assassinated).

Maar zowel meneer Zavalza-Rodriquez (vijf jaar minder in de gevangenis) als meneer Roberts (zijn leven) hebben veel aan de passieve vorm te danken.

Meer over passief-actief in Amerikaanse rechtbanken? Klik hier.

Plain English (28)

Vaak wordt gedacht dat (juridische) teksten makkelijker te begrijpen zijn als je nou maar eenvoudige, ook wel: “makkelijke”, woorden gebruikt. Enigszins smalend wordt dat dan als “Jip-en-Janneke-taal” afgedaan. We hebben hier in de rubriek “Plain English” al vaak gewezen op talloze andere manieren om teksten begrijpelijker te maken. En die
zogenaamde “andere” manieren blijken vaak een stuk effectiever te zijn dan het uitbannen van “moeilijke” woorden. Neem nu eens positief taalgebruik…

Taalpsychologie (ook: psycholinguïstiek) doet (o.m.) onderzoek naar hoe snel geschreven teksten worden begrepen. Het is geen kwestie van “stijl”, of een “glas-is-half-leeg/half-vol discussie”; onderzoeksliteratuur stelt duidelijk vast dat positieve zinnen gemakkelijker te begrijpen zijn dan negatieve. En, nog sterker: lezers vinder het gemakkelijker om
beslissingen te nemen die een beroep doen op positieve termen (more, bigger, greater, taller, heavier) dan beslissingen met negatieve termen (less, smaller, shorter, lighter). Zie Clark and Clark, 1977). Uit een ander experiment, uitgevoerd door Wright en Barnard  (1975), blijkt dat mensen sneller waren in het nemen van “meer dan” beslissingen dan ze waren bij het nemen van beslissingen waar gevraagd werd om “minder dan”. Just en Carpenter (1976) ontdekten dat positieve zinnen sneller en nauwkeuriger als waar of
onwaar konden worden beoordeeld dan negatieve zinnen. En ga zo nog maar even door.

Probeer daarom zo veel en zo vaak mogelijk het woord not te vermijden. I’m available from 17 August, dus, ipv. I can not be reached until 17 August, Niet: This court can not accept
majority jury verdicts of 10 or fewer jurors
, maar: This court accepts verdicts of 11 or 12
jurors
; niet: We do not accept payments in cash, maar We reject payments in cash; niet: Party A does not have… maar: Party A lacks…. . Not unless kan worden: only…if. Not until kan worden: when. Not many kan worden: few. Not often kan worden: rarely of sometimes. Not the same kan worden: different.

Dubbele ontkenningen maken het er allemaal niet makkelijker op. De afgelopen maanden hebben we in pre-course tasks van cursisten voorbeelden gezien als: The results did not
dis
qualify the claim…
, of: In our view, person X’s claim should not be disallowed by the court… en: … it would yield a not insignificant impovement in…. Lastig, en met name voor niet-moedertaalsprekers, natuurlijk. En al helemaal als je de onderliggende ironische, of zelfs bijna-sarcastische ondertoon hier niet in kan zien. Maar ook hier kan je goed zónder het woordje not.

Op dezelfde manier wordt er vaak, en met name in Engelstalige contracten, geworsteld met het negatieve woord unless, en al helemaal als je dat combineert met een ontkenning in het eerste gedeelte van de zin. Neurolinguïstische experimenten (bijv. Wright en Hull, 1988) tonen aan dat zinnen met unless vaak veel langzamer worden begrepen dan als je unless vermijdt; unless wordt geïnterpreteerd als een negatieve actie met een positieve voorwaarde, terwijl zinnen zónder unless (maar met dezelfde boodschap) een positieve
actie met een negatieve voorwaarde krijgen.

De zin: No person may enter the licensed premises unless permitted by the Authority zou daarom veel beter, dwz, met een sneller begrip en veel minder verwarring, kunnen worden geschreven als: A person may enter the licensed premises only with the permission of the Authority. Of anders: An inspector may exercise his power, only when in possession of a
certificate of authority issued by the Director
is veel sneller te begrijpen dan als er staat: An inspector must not exercise his power unless in possession of a certificate of authority issued by the Director. En, terug naar de taal van contracten: A person must do X if…. is een stuk beter te begrijpen en zal daarom veel minder aanleiding zijn tot juridische geschillen dan als er staat:  A person must not do X unless… Als je positief blijft (of kán blijven) en als je dus de negatieve woordjes not, unless, etc. weet te vermijden, zal de hele tekst een stuk
begrijpelijker worden. En daar is geen woord Jip-en-Janneke-taal bij.

Kleine voetnoot 1: de term Plain English krijgt in Engelstalige landen zo langzamerhand ook een bijna “Jip-en-Janneke-aura”. Daarom begin je in de plaats van Plain English steeds vaker MSE te zien: Modern Standard English.

Kleine voetnoot 2: Ik heb hierboven steeds Engelse voorbeelden gebruikt, deze blog heet immers niet voor niets Branch Out Legal English Blog. Maar dit geldt natuurlijk ook gewoon voor het Nederlands. Probeer de komende maand bijvoorbeeld eens alle “tenzij’s” uit uw teksten te bannen, en zie wat er gebeurt.

Clarity (43)

Afgelopen week (op 7 januari) boog het Amerikaanse Supreme Court zich over de grondwettelijkheid van de door President Biden voorgenomen verplichte Covid-inentingen. In de mondelinge pleidooien (oral arguments) die aan een besluit vooraf gaan , zei de door Trump benoemde Justice Neil Gorsuch, dat zulke stappen wel heel
ongebruikelijk waren voor de federale overheid. Hij illustreerde dat door te zeggen dat zulke maatregelen ook niet werden genomen bij een gemiddelde griepepidemie: “We have flu vaccines. The flu kills, I believe, hundreds of thousands of people every year. OSHA (= de Occupational Health and Safety Administration) has never purported to regulate on that
basis
.” (Honderdduizenden, dus, voor de goede verstaander).

Al snel kwam hij erachter dat dát niet zo slim was. In de eerste plaats was dat volkomen niet waar (gemiddeld sterven er zo’n 40.000 Amerikanen aan een griepvirus, de Covid-teller staat op bijna 900.000), en ten tweede zou dat nu juist zijn tegenstand tegen een verplichte inenting ondergraven. In het officiële schriftelijke verslag liet hij dat vlug veranderen in: The flu kills, I believe, hundreds, thousands of people every year […]. Het was niet voor het eerst dat een schielijk toegevoegde komma de Republikeinse gemoederen te hulp schoot…

Op 17 september 1787 werd de Amerikaanse grondwet aangenomen. Vier jaar later werden de eerste tien amendementen daaraan toegevoegd om zo in te spelen op de veranderende noden in de samenleving (die eerste tien staan bekend als Bill of Rights). Het Tweede Amendement regelt de vorming van milities en geeft burgers het recht vuurwapens te
dragen. Dat Amendement luidt als volgt: A well regulated Militia, being necessary to the
security of a free State, the right of the people to keep and bear Arms, shall not be infringed.
Enigszins moeizaam gesteld Engels voor het Nederlandse: “Aangezien een goed
geregelde militie nodig is voor de veiligheid van een vrije staat, zal geen inbreuk worden gemaakt op het recht van het volk om wapens te bezitten en te dragen”.

De Constitution zélf was voor een groot gedeelte van de hand van Thomas Jefferson, de derde President van Amerika en een eminent jurist. Tijdens het aannemen van die Bill of RIghts was hij minister van Buitenlandse Zaken (Secretary of State) in Parijs, anders had hij er zeker voor gezorgd dat dat iets nauwkeuriger gedaan zou zijn.

En dat “iets nauwkeuriger” had zéker hundreds and thousands of lives gescheeld, want met die ene komma tussen “[…] and bear arms” en “shall not be infringed” zorgt ervoor dat Amerikanen recht hebben op het privé-bezit van allerhande wapentuig; die tweede komma “bewijst” dat het Tweede Amendement niet alleen het ‘collectieve’ recht van staten om hun milities in stand te houden beschermt, maar elke burger een ‘individueel’ recht geeft om een wapen te dragen, ongeacht het lidmaatschap van de lokale militie.

Hoe doet een simpele komma dat? Volgens de rechtbank in Parker v District of Columbia (2007) verdeelt de tweede komma het amendement in twee clausules: een eerste
“inleidende” en een tweede “operatieve”. Bij deze lezing is het stukje over een goed
gereguleerde militie slechts een voorlopige keelschraping; de opstellers komen pas echt tot zaken als ze beginnen te praten over “het recht van de mensen … er mag geen inbreuk worden gemaakt.” Hier valt natuurlijk van alles en nog wat op af te dingen, maar daar gaat het hier even niet om. In 2008 bevestigde het Supreme Court in District of Columbia v. Heller met een uitslag van 5 rechters vóór en 4 rechters tegen, met deze komma-interpretatie het grondwettelijke recht een wapen te dragen. (Hier al eens eerder over geschreven).

Tot afgelopen week was dat de laatste keer dat het Supreme Court van die komma (afhankelijk van je opvatting:) gebruik of misbruik maakte. Binnenkort echter zal dat ene leesteken opnieuw in de belangstelling van het Supreme Court staan. De staat New York namelijk heeft een aantal extra wapenbezitwetten aangenomen. En dat is reden genoeg voor vuurwapenafficionado’s om opnieuw naar het Supreme Court te gaan. Verwacht wordt dat het Supreme Court hier in de eerste helft van dit jaar een uitspraak over doet. Lees hier meer over.

Het feit dat er nu een aantal nieuwe Supreme Court Justices zijn geïnstalleerd (waaronder dus onze kommaliefhebber Gorsuch) die, toen ze in de lagere rechtbanken zaten, zeiden dat rechters zich zouden moeten concentreren op de tekst, op de geschiedenis en op de traditie, m.a.w. op de bedoeling van de founding fathers, de opstellers van de
oorspronkelijke Constitution én de Bill of Rights – bij het afwegen van vuurwapen-beperkingen, belooft niet veel goeds.

Lang leve de komma! En wordt (ongetwijfeld) vervolgd.