All posts by Peter Peek

What’s in a language? (47)

“Waarom zijn Amerikaanse (of liever gezegd: Anglo-Amerikaanse) contracten vaak zo lang?”, verzuchten deelnemers aan Branch Out-trainingen Drafting Better Contracts in English vaak. Ons standaard antwoord is dan steevast dat Anglo-Amerikaanse contracten proberen een breed scala aan onvoorziene omstandigheden aan te pakken om zodoende eventuele gerechtelijke geschillen te voorkomen of anders zelfs om sterker te staan tijdens zo’n geschil.

Contracten onder civil law (geldig voor de meeste Europese landen) zijn inderdaad vaak zo’n derde tot de helft korter dan (met name) Amerikaanse contracten en overeenkomsten. En inderdaad, vooral omdat Europese contracten niet de behoefte voelen om elke
eventualiteit aan te pakken. Want de meeste van die zgn. eventualiteiten liggen immers al vast in burgerlijke wetboeken, dus waarom dat ook nog eens allemaal in een overeenkomst te vermelden?

Daaraan ten grondslag ligt ook het civil law-principe van “goede trouw” (ofwel ook: Treu und Glaube/buona fede/bonne foi etc.), terwijl in common law-systemen de partijen veel meer gedwongen worden om een eigen uitgangspositie te zoeken. Elke partij is op zoek naar een voordeel ten opzichte van de andere en houdt de kaarten tegen de borst in een poging ervoor te zorgen dat zíj het in ieder geval niét zijn waarvan wordt geprofiteerd. En hoewel dit een goede basis vormt voor veel Hollywoodfilms, mondt deze combinatie van agressie en voorzichtigheid vaak uit in een extra contractuele woordenstroom (lees meer hierover in het artikel Comparative Analysis of New Differences in Legal Cultures door Alberto M. Musy).

Het ontbreken van een algemene plicht van goede trouw kan waarschijnlijk het beste
worden omschreven als een illustratie van de Engelse houding om de wet als een op zichzelf staand domein te zien, als een wereld die zich onderscheidt van het bedrijfsleven en de politiek. Engelse rechters houden er niet van hun bevoegdheid te gebruiken om te bepalen of de partijen te goeder trouw hebben gehandeld of niet.

Het is natuurlijk verleidelijk om hier allerhande culturele verklaringen op los te laten (de VS als een veel competitievere samenleving als de Europese, Europa -wat dat dan ook mag zijn- als een samenleving waar veel meer wordt omgekeken naar de zwakkeren, Groot-Britannië daar zo’n beetje tussenin etc. etc.). En dat is dan ook vaak gedaan, zie bijv. F. Trompenaars & P. Wooliams, Business across cultures of G. Hofstede, Cultures and
organizations: software of the mind
. Alleen loop je dan al snel het risico in een soort zwartepietendiscussie te verzanden: is Zwarte Piet een onderdeel van de nationale cultuur of gewoon racisme?

In de tussentijd zie je dat het onderscheid steeds meer vervaagt; Anglo-Amerikaanse
kantoren brengen hun stijl van praktijk, waaronder contracten in Anglo-Amerikaanse stijl, steeds vaker naar civielrechtelijke landen en aan de andere kant weten “Europese”
kantoren hun (vnl.) Amerikaanse tegenhangers wel te overtuigen niet ál te “Amerikaans” over te komen. Het eind van het hele verhaal (hoewel we daar nog lang niet zijn) zal er wel op neerkomen dat het vooral een verschil is van “toon en stijl”. En laten we niet vergeten dat de Plain English-movement vooral in de Verenigde Staten steeds belangrijker wordt en de vereuropeanisering in de kaart speelt. Overigens, ga voor een prima overzicht (en meer) van die “toon en stijl” naar de zeer lezenswaardige We Agree-site van Willem Wiggers. Of naar deze en deze Branch Out Legal English blogposts waar ook Anglo-Amerikaanse
contracten worden besproken.

Maar laten we eerlijk zijn, ondertussen spinnen wij van Branch Out hier een redelijke klos garen bij. Verreweg de meeste contracten die Nederlandse juristen in het Engels schrijven zijn, natuurlijk, contracten onder Nederlands recht. We spreken echter regelmatig
advocaten die zeggen dat hun Amerikaanse opdrachtgever graag zien dat hun contracten er “Amerikaans(er) uitzien”. En dan kan je wel zeggen dat dat juridisch gezien helemaal niet hoeft, maar als het niet baat, dan schaadt het (meestal) ook niet, nietwaar?

Bovendien vertonen veel door Nederlanders in het Engels geschreven contracten nog veel te vaak allerlei grammaticale en lexicale onbegrijpelijkheden en onduidelijkheden die
ambiguïteiten opleveren waar wel degelijk over geprocedeerd kan worden. Contractuele taal blijft contractuele taal, of dat nou Engels is of Nederlands.

East is East, and West is West, and never the twain shall meet schreef Rudyard Kipling (toegegeven, niet met contractuele taal in het achterhoofd, maar goed… én, grammaticaal puntje: let nog even op die komma’s voor and). Maar we kunnen wél ons best doen.

Clarity (34)

Ik weet niet hoe het met u is, maar de laatste tijd zie ik regelmatig advertenties langskomen van Van Dale, die van de woordenboeken. “Ineens zie je in jouw tekst dat het woord ‘bezwaar’ te vaak voorkomt. Je hebt een synoniem nodig!”, bijvoorbeeld. Of ook: “Zit nooit meer om een woord verlegen en communiceer effectiever met gevarieerder taalgebruik! Dat is nu mogelijk, dankzij het Van Dale Synoniemen Online”. En dat is nu juist waar veel Legal Writing-experts voor waarschuwen: synoniemen en gevarieerd taalgebruik.

Dit fenomeen staat bekend als Elegant Variation: herhaling vermijden door de herhaalde woorden te vervangen door synoniemen te gebruiken. Over Elegant Variation hebben we hier al eens eerder over gehad; het werd voor het eerst zo beschreven door de Engelse schoolmeester/lexicograaf Henry Watson Fowler in het begin van de 20e eeuw. Bryan A. Garner in Garner’s Modern American Usage stelt Inelegant Variation voor als een
geschiktere naam voor het fenomeen, en beweert dat Fowler, bij het bedenken van de term, elegant gebruikte in een toen geldende ongunstige betekenis van ‘overdreven’,
‘verwijfd’ of ‘pretentieus gestileerd’.

Hoe het ook zij, Elegant Variation dient liefst zo veel mogelijk vermeden te worden. Wayne Schiess hierover: In legal writing, precision and clarity matter, and since elegant variation can lead to imprecision and confusion, it is to be avoided. It makes readers stop to figure out what you’re referring to. En daar gaat het om: onnauwkeurigheid en verwarring.

Voorbeelden? Four of the defendant’s witnesses were women, while all of the plaintiff’s
witnesses were ladies
. Betekent dit dat de vrouwelijke getuigen van de aanklager nettere dames zijn dan de vrouwelijke getuigen van de verdediger? Of wat als er in een document voortdurend sprake is van een landlord, om daarna plotseling lessor te gebruiken. Zijn dat nu wel of niet dezelfde personen?

U.S. airline traffic dropped 10.2 percent in February, with traffic on international routes
plummeting 26.8 percent. The pattern was repeated on the other side of the Atlantic, where British Airways watched its business drop 30 percent. Dropped
en plummeting zijn prima: de ene (dropped) lijkt een stuk minder dramatisch dan de ander (plummeting), maar waarom daarna dan toch weer drop, terwijl dat nóg weer dramatischer is dan het eerdere
plummeting?

Of deze: Two servicewomen (…) were awarded $45,000 in compensation. Lesley Leale, a 37-year-old former sergeant, was awarded $27,000 in damages while Julie Lane, 27, won $18,000 in compensation.  Damages en compensation zijn hier waarschijnlijk bedoeld als synoniemen om de zin een beetje op te vrolijken. Alleen kan damages óók compensatie plus punitieve schadevergoeding betekenen… Want juist met zgn. juridisch vocabulaire moet je uitkijken. To rescind, to cancel, to repudiate, to dissolve  en to terminate
bijvoorbeeld, lijken allemaal synoniemen van “beëindigen”, maar hebben van elkaar
verschillende juridische achtergronden en betekenissen. In uw eigen taal bent u vast wel op de hoogte van de verschillende juridische lading van woorden, in een andere taal wordt dat al weer een stuk lastiger.

Dus om in je oren te knopen: Avoid Elegant Variation! Als Van Dale adverteert met “Communiceer effectiever met gevarieerder taalgebruik!”, zou ik daar nog even nadenken.

PS.
Natuurlijk kán elegant variation hier en daar een functie hebben. Maar dan vooral in
literaire teksten als romans e.d. Daar kan je het bijv. gebruiken om te laten zien dat de ene hoofdpersoon uit een andere sociale klasse komt dan de andere. Daarnaast vinden Fransen, en iets minder mate ook Duitsers, dat elegant variation (in hun eigen taal, dan) een vorm van na te streven eloquentie is. Maar dan nog… zou Shakespeare hebben
bedacht dat To be or not to exist eigenlijk beter was geweest? Probeer er in informatieve teksten, zoals juridische teksten, zo ver mogelijk vandaan te blijven.

Plain English (25)

Sympathieke jongens (én meisjes), die notarissen. Eind 2019 werkte de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie aan een strategiedocument 2020-2025. “Bij het bepalen van onze strategie spelen ook de verwachtingen en behoeften van de cliënten een grote rol”, zo zei KNB-voorzitter Nick van Buitenen in het Notariaat Magazine 10, 2019. “Opvallend”, vond hij, “is dat alle groepen waarde hechten aan duidelijke en begrijpelijke taal”.

Nog geen jaar later, start op 9 november een nieuwe online campagne onder de naam: “Hé notaris, vertaal ‘s!”. Op www.notaris.nl/vertaal kunnen mensen notariële termen vertalen naar gewone mensentaal. En om te laten zien dat notarissen reuze-modern zijn en toch heus met hun tijd meegaan wordt de campagne ondersteund op sociale media als Facebook, Instagram (#NotarisTaal) en YouTube.

Afgezien van die wat al te overdreven woordspelige naam van die campagne, een waarlijk sympathiek gebaar…. Maar zou het ook helpen?

Als je eens naar www.notaris.nl/vertaal gaat, dan zie je een flinke hoeveelheid “notariële termen” die worden uitgelegd, soms zelfs ondersteund met aanstekelijke filmpjes. Waarom soms wel die filmpjes en (meestal) niet, blijft eventjes de vraag, maar goed…. Termen als “vaststellingsovereenkomst”, “pandrecht” en “ouderlijk vruchtgenot” (overigens één van mijn favorieten) passeren de revue en worden vrij duidelijk uitgelegd. Je vraagt je alleen af of mensen die worstelen met “homologatie” of “sommenverzekering” niet gewoon even Googelen of in de Van Dale opzoeken.

Het gaat in al die gevallen dus over zgn. Terms of Art (ofwel: juridische vaktaal).  En Angelsaksische critici betogen dat juristen veel te vaak betogen dat achter deze Terms of Art onwrikbare juridische vraagstukken zitten. In zijn boek Elements of Legal Style, bijvoorbeeld, schat Bryan A. Garner dat er maar zo’n 40-50 woorden als échte Terms of Art kunnen worden beschouwd. Bovendien schrijft Kenneth Adams in zijn A Manual of Style for Contract Drafting: Eliminating archaisms, magic words and terms of art goes a long way turning traditional contract prose into a specialized version of standard English – the English used by educated native English speakers. That’s what you should aim for. En tenslotte geeft  Joseph Kimble in zijn boek Seeing Through Legalese  talloze voorbeelden van hertalingen van Federal Rules of Civil Procedure (FRCP) in begrijpelijk Engels (de Anglosaksische tegenhanger van Van Buitenens “gewone mensentaal”) zónder dat daarbij aan juridische grondbeginselen wordt gemorreld.

Grappig genoeg worden in www.notaris.nl/vertaal ook een aantal woorden behandeld die geen (veronderstelde) Terms of Art zijn, maar wél vallen onder notarieel jargon, voorbeelden hiervan zijn:  “onderscheidenlijk” of “onderhavig”. Bij “onderhavig” staat bijv.: “Meestal betekent het gewoon dit of deze”. De website van de Nederlandse Taalunie zegt hier echter over: “Is het onderhavige besluit synoniem met dit besluit? Nee. Onderhavig betekent: ‘wat hier behandeld wordt, ter sprake komt’. Onderhavig kan alleen worden
gebruikt in de betekenis ‘waarvan op het ogenblik sprake is'”. In het Engels wordt voor
“onderhavig” overigens vaak present, of ook wel: current, gebruikt, maar net zo vaak lees je gewoon: this.

Afgezien van het feit dat dit m.i. een flinterdun, artificieel onderscheid is, vraag ik me af waarom de niettegenstaandes, de desalniettemins, de veronderstellenderwijzen en de mitsdiens, dan niet in www.notaris.nl/vertaal staan?

Kortom, een verklarende woordenlijst, al dan niet ondersteund door hippe clipjes, is een eerste muizenstapje in de richting van de “duidelijke en begrijpelijke taal” die Van Buitenen voor ogen staat. Waarom streeft de KNB niet veel meer naar het rigoureus het mes te zetten in zowel jargon áls vaktaal? Daarnaast valt er veel meer een veel grotere begripswinst te halen door aanpassingen in bijv. zins- en alinealengte, tekststructuur, indeling, opmaak, opbouw, kopjes, in- of uitleidingen, samenvattingen, enz. enz. Talloze onderzoeken in binnen- en buitenland wijzen in die (of: in onderhavige?) richting.

Dus om de eerdere vraag “zou het ook helpen?” te beantwoorden:

In eerste instantie, JA, het helpt om een (nogmaals:) sympathiek beeld van een notaris te schetsen, iemand die best wel weet dat er vaak en veel “moeilijke woorden” gebruikt moeten worden, maar dat-ie daar zélf ook niet veel aan kan doen, want zo heten die “moeilijke notariële dingen nou eenmaal”, en dat-ie zich in zal spannen om het zo goed en kwaad als mogelijk uit te leggen in “duidelijke en begrijpelijke taal”.

Maar tegelijkertijd ook een dikke NEE, er zijn zo veel andere manieren om teksten (ja, óók notariële teksten) begrijpelijker te maken.

Het blijft behelpen.

Plain English (24)

Er is al vaak geschreven over de begrijpelijkheid van contracten voor de “gewone” lezer. Daarbij wordt dan vaak onder “gewone lezer” verstaan: de niet-juridisch onderlegde
ondertekenaar. Veel minder vaak lees je opmerkingen over de begrijpelijkheid van overeenkomsten e.d. tussen juristen onderling, maar dat kan een beroepsdeformatie zijn. Of misschien begrijpt de ene jurist de andere gewoon veel sneller omdat zij min of meer dezelfde taal gebruiken, kan ook…

Resultaten van een onderzoek van Van Boom, Desmet en Van Dam uit 2016, gepubliceerd in het tijdsschrift Journal of Consumer Policy komen overeen met soortgelijk onderzoek in Engelstalige landen. In het artikel “If It’s Easy to Read, It’s Easy to Claim”—The Effect of the Readability of Insurance Contracts on Consumer Expectations and Conflict Behaviour”   (hier helemaal te lezen) concluderen zij dat “gemakkelijker leesbare contracten het vertrouwen versterken, maar dat ze ook een inherent aspect van vertrouwen laten zien, namelijk hogere verwachtingen”. Hetgeen kán resulteren dat consumenten eerder bereid zijn om te claimen of gerechtelijke stappen te ondernemen, óók als dat weinig zin heeft.

Een tweesnijdend zwaard dus, die roep om vereenvoudiging van juridische documentatie op consumentenmarkten, zoals standaardcontractvoorwaarden en bijv. licentie-voorwaarden. Het is daarom interessant om te zien wat de gevolgen zijn als een instantie nu eens écht de daad bij het woord voegt en “iets juridisch” in klip-en-klare-taal op hun website zet.

Zo heeft de BBC onlangs aangekondigd dat het 16.000 geluidseffecten uit hun archief beschikbaar stelt. De geluidseffecten zijn geordend per categorie, dus als u een sfeer wilt creëren met het geluid van watervallen , hamers  of misthoorns (of maar eens wat te
noemen) om bijv. uw blog te verlevendigen, dan is daar een geluidseffect voor. De voorwaarden (de zgn. licensing terms) waarop deze geluiden voor niet-commercieel gebruik beschikbaar zijn gemaakt, zijn hier te vinden. Het verrassende is dat die voorwaarden (geschreven zijn in een losse, niet-juridische stijl, alsof een journalist ze had geschreven – maar wel iemand die ervoor heeft gezorgd dat de belangrijkste juridische punten aan bod komen. Hier is een voorbeeld – clausule 10 C van de voorwaarden.

10. Mishaps (sowieso een vriendelijk klinkend eufemisme voor ‘wangedrag’ of
‘aansprakelijkheid’)
We take great care to make our content the best it can be. So, if something does go wrong, we are responsible only (…)

c.  If you’re an individual “consumer” and it would be unfair for us to not be held responsible.        Otherwise, we’re not liable for anything that happens if:

  • You rely on advice, data, commentary, opinions or any other content
  • There are errors, omissions, interruptions, delays, bugs or viruses
  • We turn off or remove content, services, external links or creations (we’d normally only do this for legal reasons)
  • The thing that happens couldn’t reasonably have been foreseen
  • The thing that happens wouldn’t usually result from the mishap. You and we hadn’t agreed that this thing would probably happen in the event of a mishap This applies to sites we link to as well as our content and services.

De laatste twee punten zijn een briljante samenvatting van één van de pilaren van het Anglo-Amerikaanse contractenrecht: Hadley v Baxendale uit 1854. Het stelt de leidende regel voor het bepalen van gevolgschade bij contractbreuk: een inbreukmakende partij is aansprakelijk voor alle verliezen die de contractpartijen hadden moeten voorzien, maar is niet aansprakelijk voor eventuele verliezen die de inbreukmakende partij niet had kunnen voorzien op basis van de beschikbare informatie. En dit principe wordt zo, simpel en duidelijk, in “klare taal” uiteengezet.

Natuurlijk is er van alles nog wat op die “hertaling” aan te merken. Is het woordgebruik bijv. niet wat ál te simpel? Zou het in een business-to-business omgeving worden
geaccepteerd? Is het écht juridisch sluitend? Enz. enz.

Maar de toon en de stijl waarin deze licensing terms zijn gesteld zijn dusdanig verfrissend dat het in ieder geval opvalt. En je moet toch ergens beginnen, nietwaar?

Clarity (33)

Opsommingen leiden vaak tot rechtszaken. En al helemaal in Britse en Amerikaanse zaken. Dat is ook niet zo moeilijk gezien de Letter van de Wet (contract etc.) in een common law-systeem een stuk belangrijker is dan de Geest van de Wet (contract etc.) in een civil law-systeem, zoals we al zo vaak hebben gezien in deze blog (zoals bijv. hier).

Dat uitgangspunt, overigens, is ook de reden dat contracten onder een common law-jurisdictie vaak een stuk langer zijn dan contracten onder civil law-jurisdictie. Alles,
letterlijk (en zelden zal het woord “letterlijk” beter zijn gebruikt) álles moet in een contract worden opgenomen: de Parole Evidence Rule (lees hier meer over).

Opsommingen op zich leveren niet veel problemen op, het zijn meer de komma’s ín zo’n opsomming die zand in de juridische motor strooien.  Neem de zinnen: This team has a seven-foot center, a huge power forward, and two large guards, who do spectacular dunks en This team has a seven-foot center, a huge power forward, and two large guards who do spectacular dunks (zonder komma dus tussen guards en who) die als voorbeeld worden
gebruikt in één van die zaken (nl. Am. Int’l Grp., Inc. v. Bank of Am. Corp., 712 F.3d 775, 782 (2d Cir. 2013)).

In het eerste geval (met komma) zijn er vier spelers die spectaculaire dunks kunnen maken, in het tweede geval (zonder komma) maar twee.  En precies zo’n komma was belangrijk in deze zaak.

Dit staat bekend als The Doctrine of the Last Antecedent en er zijn werkelijk
honderden rechtszaken (soms tot aan het Amerikaanse Supreme Court) over gevoerd. Dwz. áls je een komma gebruikt in een opsomming, verwijst de laatste bepaling (…who do spectacular dunks in het voorbeeld) naar alle antecedenten, en als je geen komma gebruikt naar het laatste antecedent (…two large guards in het voorbeeld).

Nu bestaat iets dergelijks natuurlijk ook in het Nederlands: “De scholieren(,) die hun huiswerk niet deden, kregen straf”. Staat er een komma na scholieren, dan drukt de zin uit dat alle scholieren hun huiswerk niet deden en daarom straf kregen. Staat er geen komma na scholieren, dan drukt de zin uit dat sommige scholieren (maar niet alle) hun huiswerk niet gedaan hebben en dat alleen deze scholieren straf kregen. Oftewel het verschil tussen “uitbreidende” en “beperkende” bijzinnen. Een uitbreidende bijzin voegt extra, vaak weglaatbare informatie toe. Een beperkende bijzin is nooit weglaatbaar en specificeert (‘beperkt’) de betekenis van het antecedent. Maar dan hebben we het over bijzinnen, en niet over opsommingen.

Op de een of andere manier is de uitbreidende/beperkende functie van de komma in het Legal English ook van toepassing geraakt in opsommingen. Dit is voor een groot deel te danken (of, afhankelijk van je positie hierin: te wijten) aan opperrechter Antonin Scalia and Bryan A. Garner met hun fascinerende boek Reading Law, the Interpretation of Legal Texts uit 2012  (hier in z’n geheel te downloaden)  waar zij een aantal zgn. canons formuleren. Eén van die canons is Canon 23: Punctuation: Punctuation is a permissible indicator of meaning waarin zij stellen dat: A pronoun, relative pronoun, or demonstrative adjective
generally refers to the nearest reasonable antecedent.

Het Canadese bedrijf RogersCommunications Inc. ging ooit met Aliant Inc. in zee. In het contract stond: The agreement shall continue in force for a period of five years from the date it is made, and thereafter for successive five-year terms, unless and until terminated by one year’s prior notice in writing by either party. Tijdens een rechtszaak jaren later voerde Rogers aan dat deze prijs minstens de eerste vijf jaar standhield, maar Aliant voerde aan dat de ontbindingsclausule van het contract op elk moment kon worden ingeroepen.

 Als de tweede komma niet was verschenen, zou het bijwoordelijke unless-zinnetje alleen de bepaling over de opeenvolgende termijnen van vijf jaar wijzigen. Maar mét de komma wordt de zin “…and thereafter for successive five-year terms” het antecedent waar unless-zinnetje op terugslaat.

0-1 voor Aliant. Maar dit was in Canada, een tweetalig land; de Franstalige versie van het contract was een stuk minder lastig te interpreteren, resulterend in een 2-1 voor RogersCommunications.

Komma’s om (bij)zinnen beperkend of uitbreidend te maken is misschien nog tot daaraan toe. Diezelfde beperkende of uitbreidende functie van de komma in opsommingen, echter, gaat veel mensen veel te ver. Dat contradicts other linguistic principles; it contradicts the
historical use of the comma; and it has created as much confusion and disagreement as the ambiguous modifier its drafter set out to clarify
schrijven onder meer Terri LeClercq (in The Doctrine of the Last Antecedent: The Mystifying Morass of Ambiguous Modifiers) en Joseph Kimble . Hun voornaamste bezwaar: het lost niets op en het is tegen de normale, gangbare grammaticale Engelse regels. En op die manier krijgt Legal English, waar al zo veel
woorden een andere betekenis hebben dan in het normale, gangbare Engels
ook nog zijn eigen grammaticale regels…

Om een lang verhaal kort te maken: bijzinnen (en met The Doctrine of the Last Antecedent in het achterhoofd dus ook: opsommingen) mét komma: het slaat op alle antecedenten. Zónder komma en het slaat op het laatste antecedent.

Ten slotte…: niemand houdt je tegen om een lijstje met bullet points te gebruiken in een opsomming. Ee stuk overzichtelijker, makkelijker te lezen en geen advocaat van de
tegenpartij die daar juridische vraagtekens bij zet.

Correctness (31)

We zien ze redelijk vaak in door Nederlandse juristen geschreven Engelse teksten: haakjes. En misschien wel té vaak.

Neem bijvoorbeeld eens de zin: “Er was sprake van (bodem)verontreiniging”. Dit wordt
bijna standaard door een Nederlander verengelst in There was (soil) pollution. Een Engelse lezer zal dit opvatten als dat dit zinnetje alléén gaat over bodemverontreiniging, terwijl de Nederlandse lezer meent dat het om allerlei soorten verontreiniging gaat, en dus óók (of misschien wel met name?) over bodemverontreiniging. Het zou kunnen dat dit komt
omdat het Nederlands veel vaker woorden aan elkaar schrijft; soil pollution is twee
woorden in het Engels. In het algemeen raden we hier aan om in het Engels een stuk terughoudender te zijn met die haakjes, en al helemaal als die worden gebruikt binnen één Nederlands woord waar je dus vaak twee woorden voor nodig hebt in het Engels.

Brackets, heten ze, in het Engels. Tenminste… in het Brits-Engels. Het Amerikaans-Engels heeft het vaker over parentheses en zijn brackets vaak het vierkante neefje van de
parentheses, waarover aan eind van deze blog meer. Zowel in het Engels als in het Nederlands worden haakjes gebruikt om een (gedeelte van een) zín die (meestal) niet
essentieel voor de rest van het verhaal is af te zonderen. Hierdoor kunnen hoofd- en
bijzaken eenvoudiger uit elkaar gehouden worden. zoals in de zelfverklarende zin hiervoor.

In het Nederland kan dat ook binnen een wóórd ipv. van binnen een zin. Daar worden haakjes ook gebruikt om een extra verduidelijking te geven over iets wat direct voorafgaand aan de haakjes benoemd wordt. (zie: (bodem)verontreiniging). Dat wordt in het Engels een stuk lastiger, of liever gezegd: een stuk onduidelijker.

Dat wil niet zeggen dat haakjes niet welig tieren in het zgn. Legal English en meestal wordt aangeraden om ze zoveel mogelijk te vermijden door bijv. komma’s, voetnoten of
gedachtestreepjes te gebruiken, de additionele informatie in een apart zinnetje te gieten of die informatie gewoon eigenlijk maar helemaal weg te laten. Als het goed is, is het immers toch niet essentieel. Zie bijv. wat Bryan Garner hierover schrijft in het ABA-Journal.

Parentheses blijken echter onuitroeibaar in legal citations (aanhalingen, citaties,
verwijzingen etc.). Gezien het common law-systeem gebaseerd is op case law, is het erg
belangrijk om eerder gedane rechterlijke uitspraken over een bepaalde zaak op te nemen in een pleidooi. Al die advocaten in Hollywoodfilms zitten immers niet voor niets nachtenlang steeds wanhopiger te grasduinen in bedompte bibliotheken om te vinden wat er eerder over een soortgelijke zaak is rechtgesproken…

En als ze nu maar één eerder gedane uitspraak over een soortgelijke zaak zouden vinden, dan zou het niet zo’n groot probleem zijn. Lastiger wordt het als een rechter in 1939 iets in zijn vonnis heeft opgenomen, dat in zaken in 1968 en 1996 is meegenomen, en nu in 2020 allemaal van belang is. Dan krijg je in ….. als: [c]ourts presume that the Legislature ‘ “understands and correctly appreciates the needs of its own people, that its laws are directed to problems made manifest by experience, and that its discriminations are based upon
adequate grounds.” ’ ” Enron Corp. v. Spring Indep. Sch. Dist., 922 S.W.2d 931, 934 (Tex. 1996) (quoting Smith v. Davis, 426 S.W.2d 827, 831 (Tex. 1968) (quoting Texas Nat’l Guard Armory Bd. v. McCraw, 126 S.W.2d 627, 634 (Tex. 1939)))
.

In de Verenigde Staten bestaat hier een bijbel voor: The Bluebook: A Uniform System of Citation . The Bluebook is een stijlgids die het meest gebruikte juridische citatiesysteem in de Verenigde Staten voorschrijft. Maar ook The Bluebook zorgt ervoor dat je door de
parentheses het juridische bos niet meer kan zien, en gaan er in de ‘strijd tegen de haakjes’ stemmen op om een nieuw stel haakjes te gebruiken: (cleaned up). Vaker en vaker zie je daarom dat juridische schrijvers al die bagage weggooien en een nieuw haakje aannemen om de lezers te vertellen dat ze vreemd materiaal hebben verwijderd voor leesbaarheid en te garanderen dat niets dat is verwijderd belangrijk was. (Lees bijv. Reducing legal-writing clutter with (cleaned up) van Wayne Schiess.

Dan krijg je: Courts presume that the Legislature understands and correctly appreciates the needs of its own people, that its laws are directed to problems manifest by experience, and that its discriminations are based on adequate grounds. Enron Corp. v. Spring Indep. Sch. Dist., 922 S.W.2d 931, 934 (Tex. 1996) (cleaned up).

Overigens bestaan er ook Europese initiatieven op dit gebied. Zie bijv. de Europese
identificatiecode voor jurisprudentie (ECLI)

Ten slotte nog heel even terug naar de haakjes in Engelse teksten van Nederlandse juristen. Bijna altijd geven zij, voor alle zekerheid en om onbedoeld vervelende juridische gevolgen te vermijden, tussen haakjes het originele juridische Nederlandse begrip voor een Engelstalig woord: A Cooperative is an Association (vereniging) formed by notarial… of: by means of a more-sided juridical act (meerzijdige rechtshandeling) embodied… Verreweg de meeste Engelstalige stijlgidsen zeggen hierover dat je bij dergelijke vertalingen juist de vierkante haakjes moet gebruiken: ofwel [ ] en niet ( ). Brackets, dus in het Amerikaans-Engels, of Square Brackets in het Brits-Engels.

What’s in a language? (46)

Vorige week schreef ik hier over congruentie tussen onderwerp en werkwoord. Ik schreef argeloos: “…het Engels heeft maar twee verbuigingen van werkwoorden, nl. mét een -s voor de derde persoon enkelvoud (he, she, it workS) en helemaal niks voor alle andere
personen (I, you, we, they work) terwijl het Nederlands er drie heeft (geen, een -t, of -en)”.

Prompt kwamen twee lezers met de opmerking hoe dat dan zit in bijvoorbeeld:
I recommend that she contact (en dus niét: contactS) your agent of ook: I suggest that your client pay (en dus niét: payS) immediately. En daar hadden ze groot gelijk in. Alleen… we hebben het in deze gevallen over de zgn. Subjunctive (in het Nederlands: de conjunctief of
‘aanvoegende wijs’).

De Subjunctive is een werkwoordsvorm die een wens, aanbeveling, toegeving, aanwijzing, suggestie of aansporing uitdrukt. In hedendaags Nederlands is het gebruik ervan goeddeels verdwenen. Bij ons blijft het conjunctiefgebruik beperkt tot vaste uitdrukkingen (zoals: ’het ware beter als’, ‘kome wat komt’, ‘koste wat het kost’, ‘zo waarlijk helpe mij God’, ‘leve de koning!’, etc.).

Hoewel steeds minder gebruikt, is de Subjunctive in het Engels echter nog springlevend. En omdat aanbevelen, adviseren en voorstellen nu precies datgene is wat juristen bovenmatig veel doen, is de Subjunctive met name in het Legal English een vaak voorkomende
stijlvorm. Je kan de Subjunctive gebruiken ná werkwoorden als: to advise (that), to ask (that),  to command (that), to demand (that), to desire (that), to insist (that),  to propose (that), to recommend (that), to request (that), to suggest (that) en to urge (that) of anders in de buurt van daarvan afgeleide uitdrukkingen, zoals It is crucial (that), It is desirable (that), It is essential (that), It is imperative (that), It is important (that), It is recommended (that) of It is urgent (that) etc.

Met de Subjunctive gebruik je een ongebruikelijke werkwoordsvorm om de aandacht te vestigen op iets buitengewoons. Je gebruikt een onverwachte werkwoordsvorm, die
onjuist is in normaal gebruik, om de aandacht te vestigen op het feit dat je iets ongewoons zegt. Het gaat over mogelijkheden, verlangens, veronderstelde dingen, vaak in strijd met de feiten. Je kan de Subjunctive gebruiken om verlangen te suggereren, en we zien dit vaak in bijvoorbeeld inleidingen van een (Engelstalig) pleidooi als de advocaat stelt dat de gedaagde de rechtbank verzoekt zijn motie tot verwerping toe te wijzen: Defendant
requests that this
court grant her motion to dismiss, In dit geval zouden we bij een derde persoon – deze rechtbank – een werkwoord hebben dat eindigt op s (grantS). Deze zin is echter met de Subjunctive geschreven en drukt een verlangen uit.

Ook kan de Subjunctive worden gebruikt om een ​​mogelijkheid, twijfel of een voorwaarde uit te drukken. Als je een alternatief moet argumenteren, kan je Subjunctive gebruiken om op subtiele wijze aan te geven dat je twijfelt over een standpunt. Stel dat je zojuist een deel van een argument hebt afgerond maar toch moet je het alternatief aanpakken. Op een gegeven moment zou je kunnen zeggen/schrijven: If the Court were to hold for Defendant, there would be no justice for injured plaintiffs. Je ziet de Subjunctive hier aan het werk
omdat het vervoegde werkwoord to be niet past bij het onderwerp the Court. Door de Subjunctive te gebruiken, kan je twijfel tonen dat de rechtbank in feite voor de andere kant zal gaan. Het is subtiel, maar het kan effectief zijn.

Móét je dan altijd die Subjunctive gebruiken als je bovengenoemde werkwoorden (van
advise t/m urge) gebruikt? Nee, dat hoeft natuurlijk niet. Je kan die Subjunctive prima
vervangen met een -ing vorm van het werkwoord: I recommend paying…, of gebruik de twee persoon: you: I recommend that you pay your client. Schrijf echter NOOIT:
I recommend/suggest (etc) you to follow your lawyer’s advice. Dat is pure, oversneden Dunglish en een directe vertaling van het Nederlandse: ‘Ik raad u aan het advies van uw
advocaat TE volgen’.  Gebruik in die gevallen altijd: that, dus I recommend that

En ja, het al dan niet gebruiken van de Subjunctive is natuurlijk aan de schrijver. Ken Adams geeft in een van z’n blogs over Contract English de volgende voorbeelden: 1) If the Borrower be in default… 2) It is a condition that the Buyer have received… 3) If X requires that Y pay the purchase price in dollars… 4) The Company recommends that X retain a lawyer. Allemaal terechte (en correcte) Subjunctives. Toch zegt hij dat 1) en 2) eigenlijk beter gewoon is en has kan zijn omdat een be en have wel érg archaïsch overkomen. 3) en 4) echter, drukken duidelijk resp. een vereiste en een aanbeveling uit; iets dat door het
gebruik van de Subjunctive nog eens extra wordt benadrukt.

Meer over de Subjunctive? Ga naar Correctness 3 of naar Correctness 17.

Correctness (30)

Voordat juristen aan onze Legal English Writing Skills-trainingen deelnemen, sturen ze een aantal zelfgeschreven teksten in. Een kleine greep uit die zgn. pre-Course Tasks die we de afgelopen weken tegenkwamen:

The rules are as follow:… // An offer can be made once the seller and purchaser has agreed… // If X and Y disagrees on the content // I refer to different Dutch sections that
indicates that a credit claim…. // Any other remodeling also require written consent from… //
The temporary lease rights ends on 8 March 2021 // The General Provisions 1992 has not changed compared to the General Provision 1958. // …and several payments to this
company has been identified regarding …

In al deze zinnen komen het onderwerp en de persoonsvorm niet overeen. M.a.w. follow zou followS moeten zijn, has agreed: have agreed, disagrees: disagree, indicates: indicate; require: requireS; ends: end en ten slotte 2 x has: have. Eigenlijk is het vreemd, zou je
kunnen zeggen; het Engels heeft maar twee verbuigingen van werkwoorden, nl. mét een -s voor de derde persoon enkelvoud (he, she, it workS) en helemaal niks voor alle andere
personen (I, you, we, they work) terwijl het Nederlands er drie heeft (geen, een -t, of -en). Dus hoe kan je je daarin nou vergissen?

In sommige gevallen is het waarschijnlijk gewoon slordigheid, maar in andere gevallen is het vaak de on-Engelse zinslengte of de on-Engelse zinsopbouw die Nederlandstalige schrijvers parten speelt. Maar vaak komen de Engelse moedertaalsprekers er zelf ook niet uit. Rest assured… het Engels heeft net zo veel struikelblokken als het Nederlands.

Zo is er altijd die levendige (Nederlandse) discussie over of het woord “aantal”, zoals in “Een aantal collega’s ging/gingen op cursus”. Beide vormen zijn in het Nederlands goed. En in het Engels ook. Anders wordt het als je een bepaald lidwoord (de, het, of in het Engels: the) gebruikt ipv. het onbepaald lidwoord (een, a, an). Dan is het altijd in het enkelvoud: “Het aantal getekende contracten is gestegen”/The number of signed contrats has risen.

Over percentages is de Engelse grammatica dan weer duidelijker: Forty per cent of his
investments were lost in the stock market crash.
Terwijl het Nederlands daar weer tweeslachtig in is:Vijftig procent van de klanten betaalt/betalen contactloos” mag
allebei, hoewel bet enkelvoud (betaalt, dus) de voorkeur verdient. Zonder de nadere bepaling “van de klanten” overigens,want dan geldt dat volgens de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) weer niet en moet het zijn: “Vijftig procent betaalt contactloos”.

Het is hier al eerder gezegd: het Engels heeft niet zoiets als een ANS. Het zijn (bijv.) de stijlgidsen van bijv. kranten (of advocatenkantoren!) die, om een zekere consistentie te
behouden, de regels maken. Zo zeggen sommige stijlgidsen:  If the percentage is made up of units (e.g. 10% of people), then use the plural: “Of the top 100 earners, 10% own a yacht”. If the percentage is part of a whole (e.g. 1 pie) use singular (I made the pie, so 10% is mine. In the case of a percentage of units, of them (=people) is being erased In the case of a whole of it (=pie) is being erased.

En dan hebben we nog verschillen bij verzamelnamen als team, staff, jury, crowd etc. In het Nederlands gebruiken we dan bijna altijd het enkelvoud, maar het Engels ziet dat anders. M.a.w. is het nou: The team is/are becoming better over the season, The staff is/are not happy with the new arrangement, The jury has/have awarded custody, Liverpool have won/has won the championship of The police was/were present. Je ziet het allebei en vaak worden die verschillen uitgelegd als een verschil tussen Amerikaans-Engels en Brits-Engels, maar een korte Google Search laat zien dat dat iets te makkelijk is. Vaak wordt het uitgelegd als een verschil in accent: is in deze voorbeelden het team/de jury/de politie etc. belangrijk? Of de afzonderlijke spelers/juryleden/politieagenten etc.?

Net zoals bijv. het woord none. Dit wordt in het algemeen gezien als een afkorting is van no one, en dat none dus altijd enkelvoud is. Maar de “regel” dat none altijd door een
werkwoord in het enkelvoud wordt gevolgd, is pure onzin.De meervoudsvorm is niet alleen acceptabel, maar klinkt ook vaak natuurlijker; no one/none of the current management team is good enough to… is natuurlijk correct. Alleen, als je zegt none of the current
management team
are good enough to… accentueert het gebruik van de meervoudsvorm are de incapabiliteit van alle afzonderlijke leden nog veel meer.

Kortom, zó makkelijk is het allemaal nog niet, maar in het algemeen kan je zeggen dat je bij twijfel gewoon de regels moet volgen die je gewend bent in het Nederlands. Maar dan moet je dat wél doen… Ga maar eens terug naar de zinnen waarmee deze blog begon.

Correctness (29)

“Jongeren” (wie dat dan ook mogen zijn) schijnen extra betekenis te geven aan de punt (het leesteken, dus) in appjes en SMS-berichten. Dat zou voor juristen (en we weten best wie dat zijn) bekend voor moeten komen. Nog maar zo’n 100 jaar geleden bestond er, in ieder geval in de Engelssprekende, juridische wereld een flinke aversie tegen het gebruik van punten, en eigenlijk ook alle andere leestekens.

Verschillende onderzoeken onder appjes uitwisselende doelgroepen geven aan dat de punt als overbodig wordt gezien in korte app-communicatie; een boodschap is immers
uitgewisseld, waarom zou je dan nog eens met een punt moeten eindigen? Als die punt dan tóch wordt neergezet, moet dat wel een speciale betekenis hebben. En dat is volgens “jongeren” de betekenis van boosheid.

Onderzoek aan de Binghamton University (resulterend in het artikel Texting insincerely: the role of the period in text messaging) toonde al in 2015 aan dat sms-berichten die met een punt eindigden, als minder oprecht werden beoordeeld dan sms-berichten die niet met een punt eindigden. Nog recenter onderzoek aan de Universiteit Leiden (Lauren Fonteyn)  en aan de Radboud Universiteit Nijmegen (Lieke Verheijen) naar WhatsApp-taal wijzen in precies dezelfde richting. Er bestaat een significant verschil tussen I’m here!
(enthousiasme), I’m here (een feit) en I’m here. Die laatste (mét een punt aan het eind) wordt geïnterpreteerd als “ik ben er, en nu zwaait er wat!”.

In de taalwetenschap heet dit fenomeen ‘exaptatie’. We spreken over exaptatie wanneer een talig kenmerk om een of andere reden overbodig wordt, en dan plots gebruikt gaat worden met een nieuwe functie. Een nieuwe functie waar het oorspronkelijk niet voor
bedoeld was.

En laat dit nou nét datgene zijn waar (Engelstalige) juristen tot zo’n honderd jaar geleden uitentreuren voor waarschuwden! De heersende opvatting in common law-rechtsgebieden was dat de betekenis van juridische documenten moet worden vastgesteld aan de hand van slechts de woorden van het document. Dienovereenkomstig werd bij het opstellen van juridische teksten weinig of geen interpunctie gebruikt.

Dat andere, in de Westerse wereld zo belangrijke Boek der Wetten, de Bijbel, het Woord van God, was immers oorspronkelijk in het Hebreeuws, een taal zonder klinkers én zonder
interpunctie. God heeft niks met punten en komma’s. Interpunctie kwam pas in opkomst toen er bijbels verschenen die in kerken moesten worden voorgelezen; interpunctie helpt de voorlezer namelijk enorm met het juiste ritme en beklemtoning van zinnen. De boekdrukkunst heeft er daarna voor gezorgd dat interpunctie niet meer was weg te denken uit het geschreven woord.

De Schotse rechtsgeleerde en parlementariër Lord Shaw suggereerde begin 20e eeuw dat interpunctie slechts een hulpmiddel was, en niet meer dan een hulpmiddel, om de
betekenis van een tekst te onthullen en dat buitensporige interpunctie om de betekenis over te brengen in strijd is met een goede prozastijl. Het Engelse woordenboek Fowler schrijft in dezelfde tijd dat, hoewel dubbelzinnigheden vermeden kunnen worden door
interpunctie, het gebruik van punten en komma’s meer een poging is om een foutieve zin te corrigeren, een slordige en ineffectieve manier om je de moeite van het herschrijven te besparen. De Amerikaanse Webster uit die tijd vermeldde onder punctuation een verschil tussen closed punctuation (overal allerlei leestekens) en open punctuation, ofwel: when points are omitted wherever possible without amiguity.

In het, nu uiterst vermakelijke,  artikel Punctuation in the Law in de American Bar Association Journal uit 1923 gaat de jurist Urban A. Lavery tekeer tegen interpunctie in
juridische stukken. Hij schrijft o.m.: In the first place is the use of interpunction essentially feminine. That is, instead of a rugged and bold reliance on words to convey meaning, which would be the masculine way of doing things, the habit has grown up of dressing up a
sentence with the lace and the ruffles of punctuation.

In de Anglo-Amerikaanse wetgeving werd tot laat in de 20e eeuw wetten aangenomen (to pass a law) nadat een beambte (een clerk) deze had voorgelezen in het parlement; en in voorlezen komt géén interpunctie voor en kon er daarom ook niet over eventuele komma’s en punten worden gesteggeld. Het Engelse parlement begon pas in 1881 (in de Conveyancing Act) het gebruik van punten in wetgeving toe te laten, 44 jaar later verscheen de eerste komma (in de Law of Property Act van 1925).

SMS-berichten en appjes hebben vaak veel meer overeenkomsten met het gesproken dan met het geschreven woord, zo zeggen boven aangehaalde onderzoekers. In die zin hebben juristen en jongeren meer met elkaar gemeen dan ze denken.

Punt uit. Full Stop (=Brits-Engels). Period (=Amerikaans-Engels).

Courtesy (14)

Een groot deel van juristenwerk bestaat uit adviseren, aanbevelen en suggereren. De meesten zullen best wel weten al hun adviezen, aanbevelingen en suggesties van een juiste juridische achtergrond te voorzien, maar als je het eenmaal op papier moet krijgen, wordt het lastiger. Lastiger, omdat je je dan af moet vragen welke toon je aanslaat. Vriendelijk? Formeel? Dwingend?

En als je dat dan ook nog eens in een andere taal (zeg even: Engels) moet doen, loop je
(extra) kans om rare grammaticale fouten te maken. Maar nog veel belangrijker bij het geven van adviezen, aanbevelingen en suggesties in een andere taal is dat je een groot risico loopt te verdwalen in een intercultureel labyrint; een groot risico dat je iets schrijft wat je misschien eigenlijk helemaal niet bedoelt.

Over de grammaticale ins en out, die af en toe verrassend afwijken van het Nederlands, hebben we hier al eens geschreven. Hoe afwijken? Lees hier. Maar regels en grammatica zijn te leren en toe te passen. Veel lastiger is het om “de juiste toon” te treffen…

Neem nu bijvoorbeeld het (hulp)werkwoord: should. De meeste Nederlanders vertalen dit met een tamelijk dwingend “zou moeten”, maar in de oren van de meeste Engelstaligen is dit veel neutraler dan de meeste non-native speakers denken. Een goed voorbeeld hiervan is Artikel 4.4. uit het klimaatakkoord van Parijs (2015). In de door regeringsleiders goed te keuren tekst van het akkoord stond in de één na laatste versie: Developed country Parties shall continue taking the lead by undertaking economy-wide absolute emission reduction targets. Developing country Parties should continue enhancing their mitigation efforts… (mijn benadrukking). Na protesten van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry, werd het afgedaan als een “typfout” en werd de eerste shall bliksemsnel
veranderd in een veel neutraler should. (Lees hier The Guardian over deze “typfout“).

We hebben hier al ettelijke keren (zoals hier en hier) gewaarschuwd voor het gebruik van shall (gebruik in plaats daarvan vooral in contracten en overeenkomsten: must als je een verplichting uit wil drukken), maar should, immers de voorwaardelijke wijs (conditional) van shall heeft die problemen veel minder. Should wordt gezien als een “morele”
aanwijzing ofwel: “should” means you don’t have to, “must” means you do.

De Nederlandse ‘vertaling’ van should (“zou moeten”) rust, denk ik, te veel op het “moeten”. En daarom wordt het vaak uitgelegd als een stevig advies, als een dwingende aanbeveling, als een min of meer verplichtende suggestie. Niet, dus.

Wat zou je dan kunnen gebruiken? In oplopende staat van omzichtigheid:

  • Een voorlopig, voorzichtig of tentatief advies (etc.) kan je inleiden met: You might like to consider…, of ook met: We would advise/recommend/suggest….
  • Een neutraal advies (etc.) kan je gewoon inleiden met: We advise/recommend/suggest…,of anders zoals boven gezegd: You should….
  • En als je je ergens écht hard voor wil maken, kan je beginnen met: It is in your interest to…. dan wel: It is essential that… of: We strongly recommend that… of ook: It is of the utmost importance that…

Natuurlijk zijn er nog veel meer van dergelijke inleidingen en categorieën te verzinnen. Echter, welke variant je ook gebruikt, achter alle bewoordingen hangt een andere,
cultureel bepaalde, mate van ernst, noodzaak of formaliteit. En dat is een stuk moeilijker te “leren” dan de grammatica-regeltjes.