Category Archives: Correctness

Correctness (35)

Tussen interpunctie en juristen heeft het nooit geboterd. Punctuation is not used in legal
instruments, for no one would wish the title to his estates to depend to the insertion of a comma or a full stop,
schrijft  Henry Kelly in The Draftsman uit 1881. Hoofdletters, dat kon dan nog wel, volgens Kelly: The commencement of sentences […] are rendered conspicuous of captitals. Al die andere leestekens leiden alleen maar af van de tekst.

In het zelfde spoor schrijft de jurist Urban A. Lavery  in 1923 in Punctuation in the LawIn the first place is the use of interpunction essentially feminine. That is, instead of a rugged and bold reliance on words to convey meaning, which would be the masculine way of doing things, the habit has grown up of dressing up a sentence with the lace and the ruffles of punctuation.

Met andere woorden: de tekst, de tekst en niets anders dan de tekst, dát is in, met name de Engelstalige, juridische wereld (in wetten, voorschriften, contracten etc.) altijd de leidraad geweest.

En dat terwijl het leven van de punt zo goed begon. In het oude Griekenland had men juist een behoorlijke afkeer van tekst. Plato schreef in de Phaidros dat de opkomst van het schrift zo ongeveer het einde van de totale menselijke beschaving zou inluiden. De ervaring van de rechtstreekse, mondelinge, overdracht van leermeester naar leerling zou verloren gaan als mensen maar zo’n beetje op eigen houtje via het bestuderen van teksten kennis zouden gaan vergaren. Toch kwam men erachter dat iets op schrift wel erg handig was. Om de mondelinge overlevering een handje te helpen en zo veel mogelijk na te bootsen, ontstonden er schriftelijke hoge (stigmḕ teleía), midden (stigmḕ mésē) en lage
(hypostigmḕ) punten om aan te geven dat er over iets resp. langer, iets korter of gewoon kort moest worden nagedacht. And the rest was (punctuation) history… culminerend in wat wij nu kennen als de punt, de puntkomma en de komma.

We zijn nu zo’n 2½ duizend jaar verder en intussen zijn de verschillen tussen Legal English en MSE (=Modern Standard English) in ieder geval op het gebied van de interpunctie
redelijk gelijk getrokken. En dus óók, met inachtneming van regionale verschillen, op het gebied van het gebruik van punten. Alleen… die regionale verschillen, dáár is nog wel het een en ander over op te merken. En als wij het hebben over regionale verschillen, dan hebben we het in grote lijnen over het verschil tussen Amerikaans Engels (AE) en MSE.

Het begint er al mee dat er verschillende woorden voor hetzelfde teken bestaan: waar het in het MSE een full stop is, is dat in het AE een period. Het lijkt er verder op dat het MSE de richtlijnen van Henry Kelly en Urban Lavery (c.s.) nog steeds niet is vergeten; het MSE
gebruikt veel minder punten dan het AE. Dit staat bekend als open punctuation en zorgt
ervoor dat punten niet (meer) gebruikt worden bij initialen (P Peek, en niet P. Peek), bij afkortingen (ie en eg, en niet: ie./i.e of e.g./eg. of etc en niet etc.), bij titels als Mr/Mrs etc. (dus niet: Mr./Mrs. etc.). Vandaar ook dat, als je een brief krijgt die begint met Dear Mr P Peek (ja, zelfs zonder komma!) je 99% zeker weet dat dit door een Britse schrijver is geschreven. Een Amerikaanse schrijver zou hebben geschreven: Dear Mr. P. Peek, (incl. komma!). Voor juristen is het dan weer mooi meegenomen dat ook in de European Case Law Identifier (ECLI) geen punten zijn toegestaan, en dat als je bijv. ziet: Atkins v. Simmons Pty. Ltd. 309 Md. 145 je alleen al door die punten weet dat het om een Amerikaanse zaak draait.

Overigens, die afkortingen ie/eg (MSE) en ie./i.e of e.g./eg. (AE) brengen nóg een verschil tussen MSE en AE aan het licht. Het AE zal die afkortingen altijd vooraf laten gaan én laten volgen door een komma: He trades in farm commodities, e.g., corn and sorghum terwijl het MSE schrijft: He trades in farm commodities, eg corn and sorghum. Lees hier wat Bryan A. Garner hierover te zeggen heeft.

Het zal verder niet 1-2-3 tot misverstanden leiden als u op de Amerikaanse manier Dear Mr. P. Peek, schrijft aan uw Britse klant, maar het staat wél een beetje raar als u in de rest van uw schrijven dan weer keurig de MSE-spelling aanhoudt. Voor alles: Wees Consistent! En verder, als u met What’s appt, SMS’t of wat dan ook met uw klant (Brits, Amerikaans, Nederlands): gebruik dan maar liever helemaal geen punt omdat punten in dergelijke
communicatievormen als onbeleefd en onoprecht kunnen worden geïnterpreteerd zoals we hier al eens eerder hebben geschreven.

Het lijkt erop dat iedereen inmiddels zijn zinnen met een punt eindigt. Wat daarná komt is echter nog steeds een heet hangijzer. Twee spaties voordat een nieuwe zin begint (=English spacing)? Of maar eentje (=French spacing)?  Deze discussie bestaat al sinds het
verschijnen van de typemachine. Typemachines geven namelijk niet alle letters evenveel ruimte waardoor het soms kan lijken dat er helemaal geen spatie meer is tussen de zinnen. Tekstverwerkers en computers geven letters wél allemaal precies dezelfde ruimte (behalve met het lettertype Courier) dus lijkt het geschil geslecht in het voordeel van French spacing. Ooit aangeleerde gewoontes zijn echter slecht af te leren, dus die strijd zal tot de dood van de laatste typemachinegebruiker nog wel even voortduren. Lees hier een kort
gepassioneerd stukje
ten faveure van French spacing.

 

 

Correctness (34)

In de serie blogs over Correctness heb ik het al eens eerder gehad over bijvoeglijke naamwoorden (adjectives) en bijwoorden (adverbs). Bijvoeglijke naamwoorden  zijn woorden die iets zeggen over een zelfstandig naamwoord (bijv. “groot” in “Dat is een groot huis”), of over een persoonlijk voornaamwoord (bijv. “mooi” als in “Jij bent mooi”). Bijwoorden zijn woorden die iets zeggen over andere woorden dan zelfstandige naamwoorden bijv. “heel” in “Dat is een heel groot huis”. Klik hier voor de Engelse grammaticale regels (en
uitzonderingen op die regels!) voor die dingen.

Engelse bijwoorden zijn vaak (maar niet altijd…) te herkennen door –ly achter een woord, als in That’s typically English. Engelse bijvoeglijke naamwoorden hebben die –ly (bijna…) nooit, als in He is a typical Englishman. In het Nederlands is er (heel vaak) geen of slechts een miniem verschil in hoe adverbs en adjectives eruit zien: “Dat is typisch Engels” en “Hij is een typische Engelsman”. (Voor degenen die zich afvragen waar die -e in “typische
vandaan komt: Engelsman is een “de-woord”, bij “het-woorden” verdwijnt die eind -e
helemaal).

Al die regels en uitzonderingen kan je natuurlijk leren en door ze vaak te gebruiken zal het langzaam maar zeker best wel steeds foutlozer worden, maar de vraag is veel meer of je adverbs eigenlijk überhaupt moet gebruiken. In zijn boek over zijn eigen vak, On Writing, schrijft de bestsellerschrijver Stephen King: The adverb is not your friend. Adverbs are words that modify verbs, adjectives, or other adverbs. I believe the road to hell is paved with
adverbs, and I will shout it from the rooftops
.

En dan schrijft hij nog over zijn romans, fictie, dus. De legal writing-experts zijn nog veel stelliger over adverbs: Bryan A. Garner in The Elements of Legal Style: Adverbs often weaken verbs. Think of the best single word instead of warming up a tepid one with a qualifier; John Trimble in Writing With Style: Minimize your adverbs . . . especially trite intensifiers like very, extremely, really, clearly, and terribly, which show a 90% failure rate; William Zinsser in On Writing Well: Most adverbs are unnecessary. You will clutter your sentences and annoy the reader if you choose a verb that has a specific meaning and then add an adverb that carries the same meaning. . . . Don’t use adverbs unless they do necessary work; en opperrechter Anthony M. Kennedy in een interview met Garner: I think adverbs are a cop-out. They’re a way for you to qualify, and if you don’t use them, it forces you to think through the conclusion of your sentence. And it forces you to confront the significance of your word choice, the
importance of your diction.

Een andere reden om erg voorzichtig te zijn met adverbs is dat het een sneeuwbaleffect kan veroorzaken. We hebben het hier al eens gehad over dat het bijna-standaard zinnetje best efforts in contracten (of best endeavours zoals vaak in Britse contracten) kan leiden tot veel verwarring en daaruit voortvloeiend juridisch gekrakeel. Laatst nog bij het covidvaccin van AstraZeneca . Dat best efforts-zinnetje, zo laat Ken Adams in een van z’n laatste blogs ons weten leidt tot steeds idiotere omschrijvingen als all reasonable efforts, all best efforts, all reasonable best efforts, all possible efforts, all commercially best efforts of best possible efforts. In UBH (Mechanical Services) Ltd v. Standard Life Assurance Co. T.L.R. oordeelde de rechtbank: The phrase ‘all reasonable endeavours’ is a middle position somewhere between the other two, implying something more than reasonable endeavours but less than best
endeavours
. En, case law-uitgangspunten in gedachten, kan dat alleen maar leiden tot steeds grotere excessen. Denk nu nog maar eens verder na over het gebruik van adverbs.

Als je als Nederlandstalige jurist desondanks tóch adverbs denkt te moeten gebruiken, doe het dan goed. Een greep uit wat  wij de afgelopen maand tegenkwamen in pre-Course Tasks die deelnemers aan onze Legal Writing-workshops schreven: … which I had attended prior (moet zijn: … which I had priorly attended (verschil tussen adverb en adjective); Probably my main weaknesses are that… (moet zijn: My main weaknesses are probably … NB. ná het werkwoord, want een vorm van to be); Subsequently, this allowed me to … (moet zijn: This subsequently allowed me to… (NB: vóór het werkwoord); …because I still was eager to … (moet zijn: …because I was still eager to… NB. ná het werkwoord, want een vorm van to be).

Maar ten slotte dan toch nog even dit: het citaat van Stephen King hierboven was nog niet afgelopen. Hij vervolgt zijn tirade tegen adverbs met: They’re the ones that usually end in -ly. With adverbs, the writer usually tells us he is afraid he isn’t expressing himself clearly, that he or she is not getting the point or the picture across. Voor de duidelijkheid heb ik de drie adverbs in deze twee daaropvolgende zinnen maar even dikgedrukt. Er is dus altijd nog ruimte tot verbetering…

Correctness (33)

We kunnen er niet vaak genoeg op hameren, en daarom hanteren we die hamer hier nog maar weer eens: in het Engels is er een kolossaal verschil tussen if en when.

In de welbekende notendop: when gebruik je als wanneer je er, normaalgesproken, bijna zeker van bent dat iets gaat gebeuren: When Monday comes, the court will sit.  If gebruik je als een resultaat (nog) helemaal niet  zeker is: Please let us know if you have any problems with the attached. (Lees de blog  “Als als is indien, is als if! (1)” voor meer hierover).

 Het lastige voor Nederlanders die Engels gebruiken, zit ‘m in drie dingen:

  • When lijkt wel erg veel op ‘wanneer’;
  • Het Nederlands kent niet zo’n afgebakend betekenisverschil: ‘als’ en ‘wanneer’ kan je over het algemeen met elkaar verwisselen zonder dat het veel verschil maakt;
  • Het is niet zo zeer een grammaticaal verschil, als wel een betekenisverschil.

Om dat laatste puntje te illustreren: grammaticaal gezien kan je net zo goed zeggen If Monday comes, the court will sit, maar dan loop je rond met het apocalyptische gevoel dat de wereld vóór die maandag is vergaan. En zo kan je ook zeggen Please let us know when you have any problems with the attached, maar dan ga je ervan uit dat de ontvangende
partij zéker problemen gaat krijgen met het openen van het aangehechte document. Zeg dan ook nooit tegen een Engelstalige: He will call you if he comes back from his holiday, want dan suggereer je dat de kans groot is dat hij helemaal nooit meer terugkomt. Gebruik: when (tenzij hij op vakantie is in Kabul of aan het duiken is op een plek met veel witte haaien, natuurlijk).

En als een Engelssprekende Nederlander eenmaal doorheeft waar en wanneer hij if en when moet gebruiken, komt gelijk de volgende vaak-gemaakte fout bovendrijven: het
gebruik van het werkwoord will (en het daarvan afgeleide would) in zinsdelen die met if en when beginnen. Dus niet: When you will arrive tonight, we will go out for dinner, maar gewoon: When you arrive tonight, we will go out for dinner.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat wij dat niet héél erg vaak zien, maar bij zinsdelen die met if beginnen en gevolgd worden door would, juist des te vaker. Een aantal voorbeelden uit de praktijk van de laatste weken:

  • If I would have (moet zijn: have) to write a legal document in English, I would need help from someone who has more experience in writing in English.
  • If I would have chosen (moet zijn: had chosen) another Master’s program, such as European Law or International Law, I might have had more experience with writing in English.
  • If we would have been (moet zijn: had been) more thorough, we could have caught this issue.
  • If Party A wishes to enforce performance and this claim would be (moet zijn: is) allowed by the court, Party A will have to comply with all the agreements made. (NB: deze fout is extra jammer: If … wishes is prima, maar dat moet je dan wel voortzetten in het zinnetje na and (=nevenschikkend voegwoord) en daar dus ook een gewone tegenwoordige tijd van maken: is)

Een belangrijke tip derhalve: in een zin(sdeel) dat begint met if of when, gebruik NOOIT will of would!! (Met als enige uitzondering als when een vraagwoord is: When will I see you again?,  zongen de Three Degrees al, grammaticaal correct).

Waarschijnlijk is de oorzaak van deze fout het Nederlandse ‘zou’, dat op het gehoor zo lijkt op het Engelse would; in iedere zin hierboven proef je als het ware dat de schrijver wil zeggen: resp. ‘Als ik een Engels document zou moeten schrijven, dan…’, ‘Als ik een ander Master zou hebben moeten kiezen dan…’, ‘Als we nauwkeuriger zouden zijn geweest dan…’, etc.

Nog wat ifjes en whennetjes: je ziet nog steeds regelmatig de uitdrukking: if, and only if… of ook:  if, but only if… Dit gebruik wordt, met name in juridische teksten, met klem
afgeraden. Het voegt niets toe en meer woorden kunnen alleen maar verwarrend zijn. Als je in voorkomende gevallen al wat extra nadruk wil geven, dan zou only if al genoeg moeten zijn, maar ook dat wordt afgeraden, hetzij met wat minder klem.

Ook if and when komt nog regelmatig voor, maar ook if and when voegt uiterst zelden iets toe en kan, opnieuw, voor verwarring en ambiguïteit zorgen. Mocht je het toch nodig
vinden om iets dergelijks te benadrukken, gebruik dan as and when.

Correctness (32)

We hebben het hier al vaak gezegd: er ligt veel meer betekenis in de Engelse grammatica dan in de Nederlandse grammatica. Neem bijvoorbeeld eens de verschillende tijden van Engelse werkwoorden. Als je schrijft I have worked for AKD for 5 years werk je er nog steeds, maar als je schrijft I worked for AKD for 5 years, dan werk je al lang ergens anders. Als je schrijft Company X is a problem of Company Z is being a problem, dan kan je maar beter met Company Z te maken hebben. Ga voor een uitleg en meer voorbeelden naar Correctness 5  of naar Correctness 6

Zo kan het ook gaan met de werkwoorden bij het enkelvoud en het meervoud van een
aantal woorden, en dan met name van zgn. ‘verzamelnamen’. Een verzamelnaam is een zelfstandig naamwoord – zoals team, commissie, jury, ploeg, orkest, publiek, publiek en familie – dat verwijst naar een groep individuen. Ook bekend als ‘groepsnaam’.

In het Nederlands gaat zo’n verzamelnaam altijd vergezeld van de enkelvoudsvorm van het werkwoord (“Het team wint een prijs”, “Het orkest speelde fantastisch”, etc.). Maar in het Engels kan je bij die collective nouns zowel de enkelvoudsvorm als de meervoudsvorm van het werkwoord gebruiken, afhankelijk van wat je ermee wilt zeggen.

Wanneer alle leden van zo’n collective noun iets als een eenheid presteren, gebruik je het enkelvoud (net als in het Nederlands). Dus: The chamber orchestra often plays at the Art Centre; The cast is celebrating the success of the play with a party after the performance; A wolf pack hunts as a group en The staff disagrees on the proposal. 

Maar wanneer de leden van het collective noun iets individueels doen, iets wat afwijkt van wat de anderen in zo’n groep doen, dan kan je gerust het meervoud gebruiken: The
orchestra are tuning their instruments; The cast have 
been practising their lines; The flock were running off in every direction en The staff disagree on the proposal.

Sommigen zeggen dat dit alleen in het Brits-Engels is toegestaan en niet in het Amerikaans-Engels. Dat is een beetje onzin, te meer daar er geen “officiële” grammaticale regels bestaan voor het Engels zoals wij in Nederland een Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) hebben met daarin de “officiële” Nederlandse
grammaticaregels en zelfs een “Groen Boekje” met daarin de “officiële” Nederlandse spellingsregels. Het kan best zijn dat het meervoud bij collective noun in het Amerikaans-Engels minder vaker voorkomt, maar het is niet pertinent fout.

Met zo’n enkelvoud-meervoudkeuze kan je een subtiel verschil maken in wat je wilt zeggen. Zo kan je zeggen: Management (of om het even: The jury, The councel, The panel etc.) is responsible for these mistakes, maar ook Management (en dus ook: The jury, The councel, The panel etc.) are responsible for these mistakes waarbij je dan, opnieuw: subtiel, opmerkt dat er wat jou betreft ook leden van het managementteam zijn die niet
verantwoordelijk zijn voor die fouten. Bryan Garner schrijft in Garner’s Dictionary of Legal Usage (hier geheel gratis te downloaden!): but if the emphasis is on the individuals in the group, the plural verb form is best. En Merriam-Webster’s English Usage Dictionary is het
hiermee eens:  When the group is considered as a unit, the singular verb is used; when it is thought of as a collection of individuals, the plural verb is used.

 Overigens zijn die dillema’s natuurlijk allemaal makkelijk te omzeilen als je de woordjes members of (The members of the jury… etc.) gebruikt. Dan is het natuurlijk altijd
meervoud…

Dan zijn er nog de namen van sportteams. Het is gebruikelijk dat de Britten hun teams laten optreden met behulp van een meervoudsvorm van het werkwoord: Liverpool are the greatest team, England win the European Championship, etc. Dat vinden vooral de Amerikanen raar, maar zelf doen ze het ook. Nu is het gros van de namen van Amerikaanse sportclubs toevallig al een meervoud (Boston Celtics, New York Yankees, Minnesota Vikings, Los Angeles Lakers etc.), maar ook de enkelvoudige namen zoals Oklahoma City Thunder of Utah Jazz gaan gepaard met meervoudsvormen van het werkwoord. Dat
vinden wij Nederlanders een beetje raar… “Ajax zijn de beste ploeg van de wereld”, “Feyenoord hebben weer gewonnen”, “Spanje winnen de finale”, dat soort werk.

Ook met een ander fenomeen, het plurale tantum, hebben Nederlanders wat moeite… Het zijn woorden die de vormkenmerken van een meervoud hebben, maar waarvan het
bijbehorende enkelvoud niet bestaat. We kennen allemaal glasses, scissors, trousers, maar door die meervoud -s aan het eind weten we dat er ook een meervoudsvorm van het werkwoord gebruikt moet worden.  Waar het bij Nederlanders alleen bijna altijd fout gaat is bij het plurale tantum police. The police were on time, The police are present on Saturday. Meervoud gebruiken, dus!

Correctness (31)

We zien ze redelijk vaak in door Nederlandse juristen geschreven Engelse teksten: haakjes. En misschien wel té vaak.

Neem bijvoorbeeld eens de zin: “Er was sprake van (bodem)verontreiniging”. Dit wordt
bijna standaard door een Nederlander verengelst in There was (soil) pollution. Een Engelse lezer zal dit opvatten als dat dit zinnetje alléén gaat over bodemverontreiniging, terwijl de Nederlandse lezer meent dat het om allerlei soorten verontreiniging gaat, en dus óók (of misschien wel met name?) over bodemverontreiniging. Het zou kunnen dat dit komt
omdat het Nederlands veel vaker woorden aan elkaar schrijft; soil pollution is twee
woorden in het Engels. In het algemeen raden we hier aan om in het Engels een stuk terughoudender te zijn met die haakjes, en al helemaal als die worden gebruikt binnen één Nederlands woord waar je dus vaak twee woorden voor nodig hebt in het Engels.

Brackets, heten ze, in het Engels. Tenminste… in het Brits-Engels. Het Amerikaans-Engels heeft het vaker over parentheses en zijn brackets vaak het vierkante neefje van de
parentheses, waarover aan eind van deze blog meer. Zowel in het Engels als in het Nederlands worden haakjes gebruikt om een (gedeelte van een) zín die (meestal) niet
essentieel voor de rest van het verhaal is af te zonderen. Hierdoor kunnen hoofd- en
bijzaken eenvoudiger uit elkaar gehouden worden. zoals in de zelfverklarende zin hiervoor.

In het Nederland kan dat ook binnen een wóórd ipv. van binnen een zin. Daar worden haakjes ook gebruikt om een extra verduidelijking te geven over iets wat direct voorafgaand aan de haakjes benoemd wordt. (zie: (bodem)verontreiniging). Dat wordt in het Engels een stuk lastiger, of liever gezegd: een stuk onduidelijker.

Dat wil niet zeggen dat haakjes niet welig tieren in het zgn. Legal English en meestal wordt aangeraden om ze zoveel mogelijk te vermijden door bijv. komma’s, voetnoten of
gedachtestreepjes te gebruiken, de additionele informatie in een apart zinnetje te gieten of die informatie gewoon eigenlijk maar helemaal weg te laten. Als het goed is, is het immers toch niet essentieel. Zie bijv. wat Bryan Garner hierover schrijft in het ABA-Journal.

Parentheses blijken echter onuitroeibaar in legal citations (aanhalingen, citaties,
verwijzingen etc.). Gezien het common law-systeem gebaseerd is op case law, is het erg
belangrijk om eerder gedane rechterlijke uitspraken over een bepaalde zaak op te nemen in een pleidooi. Al die advocaten in Hollywoodfilms zitten immers niet voor niets nachtenlang steeds wanhopiger te grasduinen in bedompte bibliotheken om te vinden wat er eerder over een soortgelijke zaak is rechtgesproken…

En als ze nu maar één eerder gedane uitspraak over een soortgelijke zaak zouden vinden, dan zou het niet zo’n groot probleem zijn. Lastiger wordt het als een rechter in 1939 iets in zijn vonnis heeft opgenomen, dat in zaken in 1968 en 1996 is meegenomen, en nu in 2020 allemaal van belang is. Dan krijg je in ….. als: [c]ourts presume that the Legislature ‘ “understands and correctly appreciates the needs of its own people, that its laws are directed to problems made manifest by experience, and that its discriminations are based upon
adequate grounds.” ’ ” Enron Corp. v. Spring Indep. Sch. Dist., 922 S.W.2d 931, 934 (Tex. 1996) (quoting Smith v. Davis, 426 S.W.2d 827, 831 (Tex. 1968) (quoting Texas Nat’l Guard Armory Bd. v. McCraw, 126 S.W.2d 627, 634 (Tex. 1939)))
.

In de Verenigde Staten bestaat hier een bijbel voor: The Bluebook: A Uniform System of Citation . The Bluebook is een stijlgids die het meest gebruikte juridische citatiesysteem in de Verenigde Staten voorschrijft. Maar ook The Bluebook zorgt ervoor dat je door de
parentheses het juridische bos niet meer kan zien, en gaan er in de ‘strijd tegen de haakjes’ stemmen op om een nieuw stel haakjes te gebruiken: (cleaned up). Vaker en vaker zie je daarom dat juridische schrijvers al die bagage weggooien en een nieuw haakje aannemen om de lezers te vertellen dat ze vreemd materiaal hebben verwijderd voor leesbaarheid en te garanderen dat niets dat is verwijderd belangrijk was. (Lees bijv. Reducing legal-writing clutter with (cleaned up) van Wayne Schiess.

Dan krijg je: Courts presume that the Legislature understands and correctly appreciates the needs of its own people, that its laws are directed to problems manifest by experience, and that its discriminations are based on adequate grounds. Enron Corp. v. Spring Indep. Sch. Dist., 922 S.W.2d 931, 934 (Tex. 1996) (cleaned up).

Overigens bestaan er ook Europese initiatieven op dit gebied. Zie bijv. de Europese
identificatiecode voor jurisprudentie (ECLI)

Ten slotte nog heel even terug naar de haakjes in Engelse teksten van Nederlandse juristen. Bijna altijd geven zij, voor alle zekerheid en om onbedoeld vervelende juridische gevolgen te vermijden, tussen haakjes het originele juridische Nederlandse begrip voor een Engelstalig woord: A Cooperative is an Association (vereniging) formed by notarial… of: by means of a more-sided juridical act (meerzijdige rechtshandeling) embodied… Verreweg de meeste Engelstalige stijlgidsen zeggen hierover dat je bij dergelijke vertalingen juist de vierkante haakjes moet gebruiken: ofwel [ ] en niet ( ). Brackets, dus in het Amerikaans-Engels, of Square Brackets in het Brits-Engels.

Correctness (30)

Voordat juristen aan onze Legal English Writing Skills-trainingen deelnemen, sturen ze een aantal zelfgeschreven teksten in. Een kleine greep uit die zgn. pre-Course Tasks die we de afgelopen weken tegenkwamen:

The rules are as follow:… // An offer can be made once the seller and purchaser has agreed… // If X and Y disagrees on the content // I refer to different Dutch sections that
indicates that a credit claim…. // Any other remodeling also require written consent from… //
The temporary lease rights ends on 8 March 2021 // The General Provisions 1992 has not changed compared to the General Provision 1958. // …and several payments to this
company has been identified regarding …

In al deze zinnen komen het onderwerp en de persoonsvorm niet overeen. M.a.w. follow zou followS moeten zijn, has agreed: have agreed, disagrees: disagree, indicates: indicate; require: requireS; ends: end en ten slotte 2 x has: have. Eigenlijk is het vreemd, zou je
kunnen zeggen; het Engels heeft maar twee verbuigingen van werkwoorden, nl. mét een -s voor de derde persoon enkelvoud (he, she, it workS) en helemaal niks voor alle andere
personen (I, you, we, they work) terwijl het Nederlands er drie heeft (geen, een -t, of -en). Dus hoe kan je je daarin nou vergissen?

In sommige gevallen is het waarschijnlijk gewoon slordigheid, maar in andere gevallen is het vaak de on-Engelse zinslengte of de on-Engelse zinsopbouw die Nederlandstalige schrijvers parten speelt. Maar vaak komen de Engelse moedertaalsprekers er zelf ook niet uit. Rest assured… het Engels heeft net zo veel struikelblokken als het Nederlands.

Zo is er altijd die levendige (Nederlandse) discussie over of het woord “aantal”, zoals in “Een aantal collega’s ging/gingen op cursus”. Beide vormen zijn in het Nederlands goed. En in het Engels ook. Anders wordt het als je een bepaald lidwoord (de, het, of in het Engels: the) gebruikt ipv. het onbepaald lidwoord (een, a, an). Dan is het altijd in het enkelvoud: “Het aantal getekende contracten is gestegen”/The number of signed contrats has risen.

Over percentages is de Engelse grammatica dan weer duidelijker: Forty per cent of his
investments were lost in the stock market crash.
Terwijl het Nederlands daar weer tweeslachtig in is:Vijftig procent van de klanten betaalt/betalen contactloos” mag
allebei, hoewel bet enkelvoud (betaalt, dus) de voorkeur verdient. Zonder de nadere bepaling “van de klanten” overigens,want dan geldt dat volgens de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) weer niet en moet het zijn: “Vijftig procent betaalt contactloos”.

Het is hier al eerder gezegd: het Engels heeft niet zoiets als een ANS. Het zijn (bijv.) de stijlgidsen van bijv. kranten (of advocatenkantoren!) die, om een zekere consistentie te
behouden, de regels maken. Zo zeggen sommige stijlgidsen:  If the percentage is made up of units (e.g. 10% of people), then use the plural: “Of the top 100 earners, 10% own a yacht”. If the percentage is part of a whole (e.g. 1 pie) use singular (I made the pie, so 10% is mine. In the case of a percentage of units, of them (=people) is being erased In the case of a whole of it (=pie) is being erased.

En dan hebben we nog verschillen bij verzamelnamen als team, staff, jury, crowd etc. In het Nederlands gebruiken we dan bijna altijd het enkelvoud, maar het Engels ziet dat anders. M.a.w. is het nou: The team is/are becoming better over the season, The staff is/are not happy with the new arrangement, The jury has/have awarded custody, Liverpool have won/has won the championship of The police was/were present. Je ziet het allebei en vaak worden die verschillen uitgelegd als een verschil tussen Amerikaans-Engels en Brits-Engels, maar een korte Google Search laat zien dat dat iets te makkelijk is. Vaak wordt het uitgelegd als een verschil in accent: is in deze voorbeelden het team/de jury/de politie etc. belangrijk? Of de afzonderlijke spelers/juryleden/politieagenten etc.?

Net zoals bijv. het woord none. Dit wordt in het algemeen gezien als een afkorting is van no one, en dat none dus altijd enkelvoud is. Maar de “regel” dat none altijd door een
werkwoord in het enkelvoud wordt gevolgd, is pure onzin.De meervoudsvorm is niet alleen acceptabel, maar klinkt ook vaak natuurlijker; no one/none of the current management team is good enough to… is natuurlijk correct. Alleen, als je zegt none of the current
management team
are good enough to… accentueert het gebruik van de meervoudsvorm are de incapabiliteit van alle afzonderlijke leden nog veel meer.

Kortom, zó makkelijk is het allemaal nog niet, maar in het algemeen kan je zeggen dat je bij twijfel gewoon de regels moet volgen die je gewend bent in het Nederlands. Maar dan moet je dat wél doen… Ga maar eens terug naar de zinnen waarmee deze blog begon.

Correctness (29)

“Jongeren” (wie dat dan ook mogen zijn) schijnen extra betekenis te geven aan de punt (het leesteken, dus) in appjes en SMS-berichten. Dat zou voor juristen (en we weten best wie dat zijn) bekend voor moeten komen. Nog maar zo’n 100 jaar geleden bestond er, in ieder geval in de Engelssprekende, juridische wereld een flinke aversie tegen het gebruik van punten, en eigenlijk ook alle andere leestekens.

Verschillende onderzoeken onder appjes uitwisselende doelgroepen geven aan dat de punt als overbodig wordt gezien in korte app-communicatie; een boodschap is immers
uitgewisseld, waarom zou je dan nog eens met een punt moeten eindigen? Als die punt dan tóch wordt neergezet, moet dat wel een speciale betekenis hebben. En dat is volgens “jongeren” de betekenis van boosheid.

Onderzoek aan de Binghamton University (resulterend in het artikel Texting insincerely: the role of the period in text messaging) toonde al in 2015 aan dat sms-berichten die met een punt eindigden, als minder oprecht werden beoordeeld dan sms-berichten die niet met een punt eindigden. Nog recenter onderzoek aan de Universiteit Leiden (Lauren Fonteyn)  en aan de Radboud Universiteit Nijmegen (Lieke Verheijen) naar WhatsApp-taal wijzen in precies dezelfde richting. Er bestaat een significant verschil tussen I’m here!
(enthousiasme), I’m here (een feit) en I’m here. Die laatste (mét een punt aan het eind) wordt geïnterpreteerd als “ik ben er, en nu zwaait er wat!”.

In de taalwetenschap heet dit fenomeen ‘exaptatie’. We spreken over exaptatie wanneer een talig kenmerk om een of andere reden overbodig wordt, en dan plots gebruikt gaat worden met een nieuwe functie. Een nieuwe functie waar het oorspronkelijk niet voor
bedoeld was.

En laat dit nou nét datgene zijn waar (Engelstalige) juristen tot zo’n honderd jaar geleden uitentreuren voor waarschuwden! De heersende opvatting in common law-rechtsgebieden was dat de betekenis van juridische documenten moet worden vastgesteld aan de hand van slechts de woorden van het document. Dienovereenkomstig werd bij het opstellen van juridische teksten weinig of geen interpunctie gebruikt.

Dat andere, in de Westerse wereld zo belangrijke Boek der Wetten, de Bijbel, het Woord van God, was immers oorspronkelijk in het Hebreeuws, een taal zonder klinkers én zonder
interpunctie. God heeft niks met punten en komma’s. Interpunctie kwam pas in opkomst toen er bijbels verschenen die in kerken moesten worden voorgelezen; interpunctie helpt de voorlezer namelijk enorm met het juiste ritme en beklemtoning van zinnen. De boekdrukkunst heeft er daarna voor gezorgd dat interpunctie niet meer was weg te denken uit het geschreven woord.

De Schotse rechtsgeleerde en parlementariër Lord Shaw suggereerde begin 20e eeuw dat interpunctie slechts een hulpmiddel was, en niet meer dan een hulpmiddel, om de
betekenis van een tekst te onthullen en dat buitensporige interpunctie om de betekenis over te brengen in strijd is met een goede prozastijl. Het Engelse woordenboek Fowler schrijft in dezelfde tijd dat, hoewel dubbelzinnigheden vermeden kunnen worden door
interpunctie, het gebruik van punten en komma’s meer een poging is om een foutieve zin te corrigeren, een slordige en ineffectieve manier om je de moeite van het herschrijven te besparen. De Amerikaanse Webster uit die tijd vermeldde onder punctuation een verschil tussen closed punctuation (overal allerlei leestekens) en open punctuation, ofwel: when points are omitted wherever possible without amiguity.

In het, nu uiterst vermakelijke,  artikel Punctuation in the Law in de American Bar Association Journal uit 1923 gaat de jurist Urban A. Lavery tekeer tegen interpunctie in
juridische stukken. Hij schrijft o.m.: In the first place is the use of interpunction essentially feminine. That is, instead of a rugged and bold reliance on words to convey meaning, which would be the masculine way of doing things, the habit has grown up of dressing up a
sentence with the lace and the ruffles of punctuation.

In de Anglo-Amerikaanse wetgeving werd tot laat in de 20e eeuw wetten aangenomen (to pass a law) nadat een beambte (een clerk) deze had voorgelezen in het parlement; en in voorlezen komt géén interpunctie voor en kon er daarom ook niet over eventuele komma’s en punten worden gesteggeld. Het Engelse parlement begon pas in 1881 (in de Conveyancing Act) het gebruik van punten in wetgeving toe te laten, 44 jaar later verscheen de eerste komma (in de Law of Property Act van 1925).

SMS-berichten en appjes hebben vaak veel meer overeenkomsten met het gesproken dan met het geschreven woord, zo zeggen boven aangehaalde onderzoekers. In die zin hebben juristen en jongeren meer met elkaar gemeen dan ze denken.

Punt uit. Full Stop (=Brits-Engels). Period (=Amerikaans-Engels).

Correctness (28)

Altijd weer een genot: de twee verschillende manieren in het Engels om over de verleden tijd te praten: de Simple Past: “Our lawyers worked on cases like…” of anders de Past Perfect: “Our lawyers have worked on cases like… “In het eerste geval (worked)
benadruk je de gebeurtenis, in het tweede geval (have worked) benadruk je de actie. In het eerste geval laat je zien dat die gebeurtenissen écht achter je liggen, in het tweede geval dat dat het verleden nog steeds invloed heeft op het heden (zie ook hier en hier ).

Lastig vooral voor (o.a) Nederlanders die een dergelijk verschil niet (of anders slechts heel zwakjes) hebben in hun eigen taal (zie het PostScriptum hieronder), maar om nu te zeggen dat het voor de Engelsen zélf nu zo klaar is als een klontje, is misschien ook weer wat veel van het goede. En al helemaal als je daar een passieve vorm van maakt.

Afgelopen april deed het England and Wales High Court (Commercial Court) een uitspraak in de zaak Gwynt Y Môr Ofto Plc v. Gwynt Y Mor Offshore Wind Farm Ltd & Ors. (Hier na te lezen voor de liefhebbers).  . Het ging over de verkoop van een windmolenpark in 2015. Ná het sluiten van de overeenkomst (overigens: closure in het Amerikaans-Engels en completion in het Brits-Engels) bleken twee onderwaterkabels tijdens de aanleg kapot te zijn gegaan, Deskundig bewijs toonde aan dat de kabels waarschijnlijk tijdens de fabricage waren beschadigd. Wie moest dit betalen?

In het contract (SPA=Share Purchase Agreement)  stond: If any of the Assets are destroyed or damaged prior to Completion (Pre-Completion Damage), then, following Completion, the [defendants] shall indemnify the [claimant] against the full cost of reinstatement of any Assets affected by Pre-Completion Damage. De verweerder voerde aan dat de eiser op grond van dit vonnis alleen recht had op een vergoeding als de schade zich voordeed tussen ondertekening en voltooiing. De eiser stelde daarentegen dat de zinsnede “vóór voltooiing” niet gekwalificeerd was, met het argument dat de natuurlijke en gewone betekenis van de vrijwaring daarom van toepassing was als één van de bezittingen op elk moment beschadigd waren vóór voltooiing en ook vóór de uitvoering van de SPA.

Het High Court stelde de verweerders in het gelijk met de uitspraak: Such wording, on its face, does not include damage which had already occurred at the date of the SPA. Had the
intention been to include destruction or damage occurring before execution, the wording would have been “if any of the Assets have been destroyed or damaged
”. Met andere
woorden: als have been destroyed or damaged zou zijn gebruikt, dan was meegenomen dat gebeurtenissen in het verleden een direct gevolg zouden hebben gehad op het heden. (Wel voegde het High Court nog toe dat het beter (lees: minder ambigu) zou zijn geweest als de woorden: including before this Agreement zouden zijn toegevoegd, maar verder dikke pech voor de eisende partij; hadden ze maar beter op hun werkwoordstijden moeten letten.

Hoewel er het e.e.a. valt af te dingen op die uitspraak op basis van grammaticale
scherpslijper- en haarkloverijtjes (bijv. dat je de zaken anders kan interpreteren omdat het hier gaat om een voorwaardelijke wijs (if… then…), of omdat de zaken er heel anders voor hadden gestaan als de opstellers van het SPA een actieve vorm zouden hebben gebruikt ipv. de passieve), was het High Court duidelijk. Er staat wat er staat. Of, om nog eens te
herhalen wat wij hier regelmatig reopen: grammatica betekent iets! Meer in het Engels dan in het Nederlands. (Lees bijv. hier).

Ten slotte nog een keertje terug naar een blog van een maand geleden waar wij het even over het woord f*** hadden. Hier nog eens te lezen. De BBC zette vorige week vrijdag een erg grappig filmpje over dat woord online. Lastig om het over dat woord te hebben zonder het maar één keer uit te spreken. Kijken!

PS.
Afgelopen donderdag schreef de Volkskrant in de rubriek Lezerspost over de vervagende grenzen tussen Onvoltooid Verleden Tijd (‘deed’) en Voltooid Tegenwoordige Tijd (‘heb gedaan’), en de vermeende invloed van het Engels op die vervaging. “We made an overview en we’ve made an overview zijn immers allebei correct”, schrijft Rogier Goetze. Dat kan dan wel zo zijn, maar het betekent iets anders, zo oordeelt in ieder geval het het England and Wales High Court

Correctness (27)

Die f***ing (o)f. We zien het nog steeds veel te vaak: Civil legal aid for domestic violence remedies depends on the income of the victim. Of: The claim of Nooteboom is based on a
violation by
… Of ook: The decisions of the client terwijl on the victim’s income, Nooteboom’s claim is based on en the client’s decisions veel elegantere oplossingen zouden zijn. (PS: hoe en wat ook alweer met die apostrof? Klik hier).

Bryan Garner schreef in zijn Guidelines for Drafting and Editing Court Rules uit 1997 al:
Minimize of-phrases, they tend to encumber sentences. Zijn Guidelines was een “hertaling” van de Federal Rules of Appelate Procedure van het Engels naar Plain English. Federal Rule 13(C) bijvoorbeeld, klonk: The content of the notice or appeal, the manner of its service, and the effect of the filing of the notice and of its service shall be as described in Rule 3. Garner maakt ervan: Rule 3 prescribes what a notice of appeal must contain, how it should be served, the effect of its filing, and the effect of its service. Met andere woorden: hij elimineert 50% van de ofs in één zin. (NB: zie ook hoe hij shall de nek omdraait…).

Een bijkomend voordeel van de eliminatie van of is dat je dan ook niet meer hoeft na te denken of het nu of of off (met twee ff’en dus) moet zijn, wat we ook nog steeds regelmatig zien opduiken in door Nederlanders geschreven Engelstalige stukken.

Of is een voorzetsel dat wordt gebruikt om verbinding met het zelfstandig naamwoord aan te geven. Het geeft  een deel van het geheel aan:. a pair of shoes, a handful of almonds, the longest day of the year. Deze of spreek je overigens uit met een stemhebbende v, dus als: [OV].

Off is bijna altijd een bijwoord dat wordt gebruikt om juist een verbroken verbinding met een persoon, plaats of object aan te geven, d.w.z. weg van iemand of iets. Over het algemeen gebruiken we off na werkwoorden, waardoor het zgn. phrasal verbs worden: turn off, call off, put off, take off, go off, run off, drive off etc. Als geheugensteuntje voor die
“verbroken verbinding”: to off (someone) is ook een werkwoord: iemand vermoorden, of ook soms: ontslaan. Deze off spreek je overigens uit met een stemloze f, dus als [OF].

Nu heeft het Amerikaans-Engels af en toe ook nog eens een off of, zoals in He stepped off of the platform of: The office can be found off of the reception area, maar dit wordt als erg
informeel taalgebruik gezien en kan het beste worden vermeden, vooral bij het schrijven. Net zoals bijv. I got it/borrowed it of him. Gebruik in die laatste gevallen: from.

Een f’je meer of minder kan ook rare gevolgen hebben in contracten. Standaard-
overeenkomsten voor klinische proeven voor farmaceutische geneesmiddelen van de Britse National Health Service (NHS) bevat de volgende formulering (bijv. clausule 5.3): In no circumstances shall either Party be liable (…) for any loss of profit, business, reputation, contracts, revenues or anticipated savings for any special, indirect or consequential
damages of any nature, which arises directly or indirectly from any default on the part of any other Party.

Dit wordt gezien als een typefoutje (an f too far), temeer omdat andere van die NHS-
standaardovereenkomsten wél or hebben ipv. for. De “juiste” versie, die het woord or
gebruikt, is erop gericht aansprakelijkheid uit te sluiten in twee alternatieve situaties die kunnen worden samengevat als: (1) financiële verliezen; (2) indirecte verliezen. Door ‘for‘ te zeggen in plaats van ‘or‘, wordt het onderscheid tussen financiële verliezen en indirecte verliezen vertroebeld. Het is nu niet duidelijk wat de clausule betekent, maar deze kán worden geïnterpreteerd als een dekking voor alleen financiële verliezen die binnen de
categorie indirecte verliezen vallen. Oeps…

Die f***ing f dus. Waarom ook al weer die sterretjes? Ik wil het hier best nog eens uitleggen: hoewel wij Nederlanders dat woord met de letters uck op de plaats van die sterretjes te pas en te onpas gebruiken, wordt het in het algemeen als bijzonder schokkend ervaren door uw Engelstalige gesprekspartner. Net zo tegendeborststuitend als wij het K-woord zouden gebruiken. Wij schrijven dan ook een “–“ als wij de letters ‘anker’ denken te moeten
gebruiken om onze onvrede te uiten.

Correctness (26)

Hoe de toekomst eruit ziet, weet niemand. Hoe je over de toekomst spreekt, daarentegen, weet iedereen. In Romaanse talen als Frans, Spaans en Italiaans geven we werkwoorden een of ander ingewikkelde verbuiging, in het Nederlands gebruik je gewoon een vorm van het hulpwerkwoord “zullen” en laat die toekomst maar komen!

In het Engels heb je shall en will, toch? Dat er met shall iets moeizaams aan de hand is (en al helemaal als je dat in contracten gebruikt!) hebben we de vorige keer al besproken. Dan maar gewoon: will als je in het Nederlands “zal” of “zullen” zegt. Helaas gaat die vlieger lang niet altijd op.

Als je namelijk bijwoorden van tijd gebruikt (bijv. when, if, while, before, after, by the time, as soon as etc.), dan gebruiken we gewoon de tegenwoordige tijd (Present Simple). Dus niet: When you will arrive, we will go out for dinner, maar: When you arrive, we will go out for dinner. Dit is overigens ook gebruikelijk in het Nederlands, dus ik verwacht niet dat u hier vaak fouten mee maakt.

Heel anders wordt het als je échte tijdsaanduidingen gaat gebruiken (bijv. tomorrow, next week, on 24 October etc.), dan gebruikt het Engels de Present Continuous, of anders een vorm van going to., zoals in We are going to recruit more staff next year. In het Nederlands hebben we min of meer de keus: “Volgend jaar nemen we meer mensen aan” of “Volgend jaar zullen we meer mensen aannemen” of zelfs: “Volgend jaar gaan we meer mensen
aannemen”, wat een schaduw van het Engelse going to is.

Echter, soms is er we degelijk een mogelijkheid om een tijdsaanduiding in combinatie met will te gebruiken, maar dan gaat het om een ijzersterke belofte die je doet. Als je op een antwoord zit te wachten van een Engelse moedertaalspreker en hij zegt je: Tomorrow, I will write you an answer dan heb je veel meer kans dat antwoord te krijgen dan als je Tomorrow, I am going to write you an answer hoort. We zeiden het al eerder: Engelse
grammatica heeft meer betekenissen dan Nederlandse…

Maar al die fijnzinnigheden even achter ons latende: verreweg de meeste fouten
(epidemisch veel, zelfs) worden gemaakt met het gebruik van will in de beschrijving van processen, beleid of feiten. Als je in die gevallen het Nederlandse “zal” gebruikt, is het in het Engels gewoon de Present Simple. “Het zal ongeveer 10 tot 15 dagen duren voordat…” is NIET:  It will take 10 to 15 days before, maar: It takes 10 to 15 days before…

Nog even op een rijtje dan:
Will gebruik je wél voor:

  • Vrijwillige toekomstige acties, als in: I will translate the email so Mr Smith can read it.
  • Beloftes, als in: I will call you when I arrive.
  • Voorspellingen, als in:. 2018 will be a very interesting year.

 Will gebruik je niet:

  • In zinsdelen die beginnen met bijwoorden van tijd, zoals when, while, before, after, by the time, as soon as, dan gebruik je de Present Simple
  • Bij geplande toekomstige acties, dan gebruik je óf de Present Simple óf een vorm van going to
  • Bij het beschrijven van processen, beleid of feiten, dan gebruik je de Present Simple

 Een paar voorbeelden die we de afgelopen weken tegenkwamen in door cursisten geschreven teksten (in doorgestreept rood hoe het geschreven was, in dikgedrukt groen hoe het zou moeten zijn):

  • After the written proceedings, oral proceedings will commence (proces)
  • Generally, a pre-emption right will be is adopted by the municipal council. (proces)
  • On 3 September, I will start am starting my first job as a corporate lawyer. (tijdsaanduiding)
  • A Dutch court will usually respects such a contractual choice of law. (beleid)
  • … for instance, by stipulating that an electronic signature with certain specifications will have has the same legal consequences as a written signature in the relationship between the parties (proces/beleid)

In alle gevallen is er, denk ik, sprake van een (foutieve) directe vertaling. Probeer maar eens de originele Nederlandse versie te verzinnen, en je komt altijd uit bij “zal/zullen”. Even afgezien van het feit dat die “zal/zullen” in het Nederlands eigenlijk overbodig is, in het Engels is het gewoon fout.